Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang

Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van marktgelden 2011

1.. De belastingschuld ontstaat bij de aanvang van respectievelijk het belastingjaar, -kwartaal of de belastingdag, of indien de belastingplicht in de loop van respectievelijk het belastingjaar, -kwartaal of de belastingdag aanvangt, bij de aanvang van de belastingplicht. 2.. Indien de belastingplicht in de loop van een belastingjaar aanvangt, danwel het aantal meters frontbreedte, verschuldigd over zoveel twaalfde gedeelten als er vanaf het tijdstip van aanvang van de belastingplicht nog volle kalendermaanden overblijven. 3.. Indien de belastingplicht in de loop van een belastingkwartaal aanvangt, danwel het aantal meters frontbreedte in de loop van een belastingkwartaal toeneemt, is het marktgeld, respectievelijk het hogere marktgeld terzake van het toegenomen aantal meters frontbreedte, verschuldigd over zoveel derde gedeelten als er vanaf het tijdstip van aanvang van de belastingplicht nog volle kalendermaanden overblijven. 4.. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, danwel het aantal meters frontbreedte in de loop van het belastingjaar vermindert, wordt geheel of gedeeltelijk ontheffing verleend over zoveel twaalfde gedeelten als er in dat jaar, na het tijdstip van beëindiging van de belastingplicht, respectievelijk vermindering van het aantal meters frontbreedte, nog volle kalendermaanden overblijven. 5.. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingkwartaal eindigt, danwel het aantal meters frontbreedte in de loop van het belastingkwartaal vermindert, wordt geheel of gedeeltelijk ontheffing verleend over zoveel derde gedeelten als er in dat kwartaal, na het tijdstip van beëindiging van de belastingplicht, respectievelijk vermindering van het aantal meters frontbreedte, nog volle kalendermaanden overblijven.

Rechtspraak bij dit artikel