Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 44.

Bijzondere bijstand in school-, sport en cultuurkosten

Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand en minimabeleid Leidschendam-Voorburg 2020

Gezinnen met schoolgaande kinderen vooral in het voortgezet en/of middelbaar beroepsonderwijs bekleden als gevolg van het feit dat zij kosten moeten maken in verband met het naar school gaan van kinderen een ongunstige financiële positie. Zij hebben in het algemeen niet de ruimte om te reserveren voor uitgaven ter vrije besteding. Het is mogelijk aan hen bijzondere bijstand te verlenen per kind als tegemoetkoming in de kosten tot een gemaximeerd normbedrag zoals in de bijlage vermeld. Onder schoolkosten worden onder meer de volgende kosten verstaan: studieboeken, schoolgeld, een fiets, sportkleding, overblijfkosten, schoolreisje, ouderbijdrage. Deze opsomming is niet limitatief. Ouders met kinderen kunnen voor bijzondere bijstand in schoolkosten in aanmerking komen, indien zij voldoen aan de volgende criteria: één of meer kinderen hebben die het basisonderwijs volgen, en/of één of meer kinderen hebben die het voortgezet of middelbaar beroepsonderwijs volgen; van wie het kind / de kinderen op 1 augustus van een kalenderjaar nog niet de 18-jarige leeftijd bereikt heeft / hebben; De bijzondere bijstand kan eenmaal per schooljaar na 1 augustus van dat jaar aangevraagd worden. Een schooljaar begint op 1 augustus en eindigt op 31 juli van het daarop volgende kalenderjaar. Belanghebbende dient op verzoek van het college de kosten als bedoeld in het tweede lid aan te tonen.

Rechtspraak bij dit artikel