Naar hoofdinhoud
Het college maakt ten volle gebruik van de bevoegdheid tot: het op grond van artikel 18a, dertiende lid, Participatiewet in de in die bepaling genoemde gevallen geheel of gedeeltelijk kwijtschelden van een bestuurlijke boete; het opschorten van het recht op uitkering voor de op grond van de artikelen 54, eerste lid, Participatiewet, artikel 17, eerste lid, IOAW en artikel 17, eerste lid, IOAZ; herzien of intrekken als bedoeld in artikel 54, derde lid, tweede volzin, en artikel 54, vierde lid, Participatiewet; terugvordering van ten onrechte verleende uitkering als bedoeld in artikel 58, tweede lid, Participatiewet en artikel 59, eerste, tweede en derde lid, Participatiewet, artikel 25, tweede en derde lid, IOAW en IOAZ, en artikel 26 IOAW en IOAZ; terugvordering als bedoeld in artikel 12, tweede lid, aanhef en sub c, en artikel 41, vierde en vijfde lid van het Bbz 2004; verhoging van de vordering met de op de terugvordering betrekking hebbende kosten alsmede terugvordering van de loonbelasting en premies volksverzekeringen als bedoeld in artikel 58, vijfde lid, Participatiewet, artikel 25, vijfde lid, IOAW en artikel 25, vijfde lid, IOAZ.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel