Naar hoofdinhoud
1.. Het grafrecht vervalt: door het verlopen van de termijn waarvoor het recht is verleend; indien de rechthebbende schriftelijk afstand doet van het recht; indien de begraafplaats wordt opgeheven. 2.. Het college kan de grafrechten vervallen verklaren: indien de betaling van de rechten ten behoeve van de vestiging of een verlenging van het grafrecht – ondanks een aanmaning – niet binnen drie maanden na aanvang van die termijn is geschied; indien de rechthebbende – ondanks een aanmaning – in verzuim blijft een op grond van deze verordening op hem rustende verplichting na te komen of daarmee in strijd handelt; indien de rechthebbende van een particulier graf is overleden en het recht niet binnen de in artikel 17, lid 3 gestelde termijn is overgeschreven; indien de rechthebbende niet kan worden opgespoord. 3.. In de gevallen als bedoeld in het eerste lid, onderdelen b en c en in het tweede lid vindt geen terugbetaling plaats van (een deel van) de betaalde rechten. 4.. Indien de rechthebbende een rechtspersoon is, vervalt het recht op een particulier graf bij ontbinding van die rechtspersoon of bij verlies van rechtspersoonlijkheid. 5.. Het college kan bij uitzonderingsgevallen afwijken van het gestelde in dit artikel.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel