Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 16a.

Bijdrage in de kosten van maatwerkvoorzieningen, pgb’s en bij verordening aangewezen algemene voorzieningen

Onderdeel van Verordening Jeugdhulp en Maatschappelijke ondersteuning gemeente Heerde 2020

Een cliënt is een bijdrage in de kosten verschuldigd voor een maatwerkvoorziening Wmo of pgb Wmo, met ingang van de 1e van de maand volgend op de toekenning van de maatwerkvoorziening of het pgb, zolang de cliënt van de voorziening gebruik maakt of gedurende de periode waarvoor het pgb wordt verstrekt tot en met de laatste dag van de maand waarin van de voorziening gebruik wordt gemaakt. Een cliënt is een bijdrage in de kosten verschuldigd voor een bij verordening aangewezen algemene voorziening Wmo met ingang van de 1e van de maand volgend op de startdatum van het gebruik van deze voorziening tot en met de laatste dag van de maand waarin van deze voorziening gebruik wordt gemaakt. De bij verordening aangewezen algemene voorzieningen zijn: Een schoon en leefbaar huis 4a. De bijdrage voor een maatwerkvoorziening, pgb en voor bij verordening aangewezen algemene voorzieningen, is gelijk aan de kostprijs van de voorziening, tot ten hoogste het landelijk vastgestelde bedrag per maand (zoals bepaald in 3e lid van artikel 2.1.4 Wmo 2015 (algemene voorzieningen) en/of naar het 4e lid van art. 2.1.4a Wmo 2015 (maatwerkvoorzieningen)). Voor de ongehuwde cliënt of de gehuwde cliënten tezamen, tenzij overeenkomstig hoofdstuk 3 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015, geen of een lagere bijdrage verschuldigd is. In geval van samenloop van een dienst en een zaak wordt de bijdrage geïnd op de maatwerkvoorziening die het langst loopt. De bijdrage is verschuldigd per maand. In afwijking van het eerste lid is geen bijdrage verschuldigd voor de maatwerkvoorzieningen opgenomen in artikel 3.8 lid 4e en 4.d van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015. De bijdrage voor een maatwerkvoorziening of pgb ten behoeve van een woningaanpassing voor een minderjarige cliënt is verschuldigd door de onderhoudsplichtige ouders, daaronder begrepen degene tegen wie een op artikel Wetboek gegrond verzoek is toegewezen, en degene die anders dan als ouders samen met de ouder het gezag uitoefent over een cliënt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel