Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 8.

Persoonsgebonden budget

Onderdeel van Verordening Jeugdhulp en Maatschappelijke ondersteuning gemeente Heerde 2020

Het college verstrekt een pgb in overeenstemming met artikel 8.1.1 van de Jeugdwet of artikel 2.3.6 van de Wmo 2015. Onverminderd artikel 8.1.1, tweede en vierde lid van de Jeugdwet en artikel 2.3.6, tweede en vijfde lid, van de Wmo 2015 verstrekt het college geen pgb voor zover de aanvraag betrekking heeft op kosten die de belanghebbende voorafgaand aan de indiening van de aanvraag heeft gemaakt en niet meer is na te gaan of de ingekochte voorziening noodzakelijk was. De hoogte van een pgb: wordt vastgesteld aan de hand van een door de cliënt opgesteld bestedingsplan voor het pgb, waarin is aangegeven; welke diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren, de cliënt van het budget wil betrekken en; indien van toepassing, welke de cliënt wil betrekken van een persoon die behoort tot het sociale netwerk. wordt berekend op basis van een prijs of tarief; waarmee redelijkerwijs is verzekerd dat het pgb toereikend is om tijdig veilige, doeltreffende en kwalitatief goede diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren, van derden te betrekken; waarbij rekening is gehouden met redelijke overheadkosten van derden van wie de cliënt diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren wil betrekken; waarbij, voor zover van toepassing, rekening is gehouden met de in het derde lid gestelde voorwaarden betreffende het tarief onder welke de cliënt de mogelijkheid heeft om de betreffende diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen te betrekken van een persoon die behoort tot het sociale netwerk, en ; wordt indien nodig aangevuld met een vergoeding voor onderhoud en verzekering; bedraagt voor een materiële maatwerkvoorziening waaronder een hulpmiddel maximaal de kosten die het college verschuldigd is aan dezelfde voorziening in natura; bedraagt voor formele hulp niet meer dan de 100 % van de geldende gemeentelijke inkooptarieven in natura; bedraagt voor hulp vanuit het sociale netwerk een ander tarief dan voor formele hulp. Hierbij worden de volgende tarieven aangehouden: Als ondersteuning in de vorm van begeleiding wordt gegeven door iemand uit het sociale netwerk van de cliënt, dan wordt de hoogte van het pgb vastgesteld het uurloon van de hoogste periodiek behorende bij FWG 30 van de voor de betreffende periode geldende cao VVT, te vermeerderen met vakantietoeslag en de tegenwaarde van de verlofuren; dagbesteding niet meer dan € 5,00 per uur; Als ondersteuning in de vorm van huishoudelijke hulp of persoonlijke verzorging wordt gegeven door iemand uit het sociale netwerk van de cliënt, dan wordt de hoogte van het pgb vastgesteld op het uurloon van de hoogste periodiek behorende bij hulp bij het huishouden van de voor de betreffende periode geldende cao VVT, te vermeerderen met vakantietoeslag en de tegenwaarde van de verlofuren. deeltijdverblijf, logeeropvang en respijtopvang een symbolische vergoeding van maximaal €141 per kalendermaand, en; De hoogte van een pgb wordt vastgesteld voor: een zaak: op basis van de kostprijs van de zaak in natura, indien deze door het college zou zijn verstrekt en rekening houdend met een reële termijn voor de technische afschrijving en de onderhouds- en verzekeringskosten; huishoudelijke hulp, Begeleiding Individueel (Licht, Basis en Complex) en Begeleiding Groep (Licht, Basis en Complex), door een daartoe opgeleid persoon (in het bezit van bijzondere deskundigheid) in dienst bij een zorgaanbieder: op basis van het toepasselijke tarief per uur dat hiervoor zou worden gehanteerd voor een door de gemeente gecontracteerde aanbieder. vervoer van en naar de dagbesteding: op basis van het tarief dat hiervoor wordt gehanteerd bij de uitvoering van de Wet langdurige zorg; een autoaanpassing: op basis van de laagste offerte van de noodzakelijke aanpassingen blijkend uit drie aangeleverde offertes; Een cliënt aan wie een pgb wordt verstrekt kan diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen onder de volgende voorwaarden betrekken van een persoon die behoort tot het sociale netwerk, niet zijnde op onverplichte basis verleende maatschappelijke ondersteuning uit het sociale netwerk als bedoeld in artikel 2 van de Uitvoeringsregeling Wmo 2015, als: het tarief of de prijs bedoeld in het derde lid, onderdeel b, onder 1, voor maatschappelijke ondersteuning, minimaal het wettelijke minimumloon bedraagt tot ten hoogste de kostprijs van de daarvoor in de betreffende situatie goedkoopste adequate in de gemeente tijdig beschikbare maatwerkvoorziening in natura als noodzakelijk is om: te verzekeren dat het budget de cliënt in staat stelt tijdig veilige, doeltreffende en kwalitatief goede diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren, van derden te betrekken, en ; op gepaste wijze rekening te houden met de gezinssituatie en de relevante werkervaring en kwalificaties van deze persoon. Voor hulp uit het sociaal netwerk in de vorm van deeltijdverblijf, logeeropvang en respijtzorg, bestaande uit onverplichte maatschappelijke ondersteuning als bedoeld in artikel 2 van de Uitvoeringsregeling Wmo 2015 kan vanuit het pgb een forfaitaire tegemoetkoming worden verstrekt van maximaal €141,00 per kalendermaand in die maanden dat ondersteuning wordt geleverd; Tussenpersonen of belangenbehartigers worden niet uit het pgb betaald.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel