Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.2 › Paragraaf 2.2.3

Artikel 52a

Gemeentelijke depotbeheerder – geen ondermandaat

Onderdeel van Gouds mandatenbesluit

1. . De gemeentelijke depotbeheerder is bevoegd de volgende bevoegdheden uit te oefenen: Het fysiek en technisch beheer van het gemeentelijk depot voor bodemvondsten/Gouwedepot en de registratie van de archeologische collectie waaronder valt het verrichten van feitelijke, uitvoerings- en privaatrechtelijke handelingen en het vertegenwoordigen van de gemeente. Onder beheer wordt dan ook mede verstaan: Het ontvangen van geschonken bodemvondsten en het daartoe aangaan van een schenkingsovereenkomst (*); Het verstrekken van ontvangstbewijzen en afgiftebewijzen (t.b.v. collectietransporten voor onderzoek en conservering) (*); het afgeven van (overdrachts)verklaringen (bij deponering bij gemeentelijk depot en bij overdracht aan het Provinciaal Depot); het aangaan van bruikleenovereenkomsten (*); het geven van voorlopige én definitieve acceptatie van analoge project documentatie, digitale projectdocumentatie en/of vondsten en monsters; het op basis van een overeenkomst overdragen van vondsten van het gemeentelijk depot voor bodemvondsten/Gouwedepot het vaststellen van protocollen en richtlijnen inzake het depotbeheer. het nemen van deelbesluiten op het evaluatierapport (*) (*) Deze bevoegdheid wordt alleen worden toegepast onder voorwaarde van voorafgaand overleg met de gemeentelijke archeoloog.

Rechtspraak bij dit artikel