Naar hoofdinhoud
1.. Toekenning van een maatwerkvoorziening in de vorm van een pgb vindt alleen plaats op basis van een gemotiveerd verzoek van de cliënt of zijn vertegenwoordiger, door indiening van een budgetplan bij de aanvraag. 2.. Uit het budgetplan moet blijken: wat de hulpvraag is en wat de beperkingen in de zelfredzaamheid en participatie zijn; op welke wijze de ondersteuning zal bijdragen tot de doelen, waarvoor de maatwerkvoorziening bedoeld is; welke maatwerkvoorziening met het pgb zal worden aangeschaft of ingekocht; waarom de cliënt een pgb wenst; dat cliënt in staat is, of met hulp uit zijn sociale netwerk of van zijn vertegenwoordiger, om als opdrachtgever op te treden, aanbieders uit te kiezen, een zorgovereenkomst met ondersteuners te sluiten, werkbriefjes en rekeningen goed te keuren en de kwaliteit van de ondersteuning te beoordelen; hoe en door wie de cliënt de maatwerkvoorziening wil laten realiseren, en hoe hij tot deze keuze is gekomen; hoe de kwaliteit van de ondersteuning en de aanbieder wordt gewaarborgd. 3.. Het pgb mag niet besteed worden aan de bemiddeling bij het aanvragen van een voorziening of aan het administratieve beheer van het pgb. Er is geen sprake van een vrij besteedbaar bedrag. 4.. De cliënt is niet toegestaan om het administratieve beheer van het pgb en tegelijkertijd de levering van de maatwerkvoorziening uit te besteden aan dezelfde organisatie of persoon. 5.. De cliënt en zijn vertegenwoordiger overleggen bij het budgetplan een schriftelijke machtiging en verklaring dat het beheer van het pgb op verantwoorde wijze wordt uitgevoerd. 6.. In geval van pgb voor aanpassing van een bestaande zaak, waarvan het als algemeen gebruikelijk wordt beschouwd dat deze verzekerd is, wordt geen aanvullend pgb verstrekt voor de (meer)kosten van de verzekering. 7.. Bij het bepalen van de hoogte van het pgb voor een maatwerkvoorziening voor het wonen in de vorm van een woningsanering, wordt rekening gehouden met de reeds verlopen afschrijvingsperiode: a.-100% indien het artikel niet ouder is dan twee jaar; b.-75% indien het artikel tussen de twee en vier jaar oud is; c.-50% indien het artikel tussen de vier en zes jaar oud is; d.-25% indien het artikel tussen de zes en acht jaar oud is; e.-0% indien het artikel ouder is dan tien jaar. 8.. De cliënt die een maatwerkvoorziening in de vorm van een pgb voor een zaak is toegekend, legt binnen zes weken na aanschaf of realisatie van de voorziening verantwoording af over de besteding van het pgb. Hiertoe overlegt de cliënt aan het college de factuur dan wel het betalingsbewijs van de aangeschafte voorziening. 9.. In bijlage 1 van dit besluit zijn de pgb tarieven opgenomen, die volgen uit artikel 9 lid 4 van de verordening.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel