In deze verordening, en de daarop berustende bepalingen, wordt verstaan onder:
Gemeente: Gemeente Breda;
Rechthebbende: de eigenaar, de vereniging van eigenaren of zakelijk gerechtigde van het perceel respectievelijke eigenaren en/of zakelijk gerechtigden of de vereniging van eigenaren van de percelen ten behoeve waarvan de aansluiting door middels van een aansluitleiding op het openbaar riool wordt gerealiseerd en in stand gehouden alsmede de rechtverkrijgende(n) onder algemene of bijzondere titel van de hiervoor genoemden. Tevens degene op wiens terrein het hemelwater valt of onder wiens terrein zich het grondwater bevindt;
Riolering: voorziening voor de inzameling en het transport van stedelijk gemengd afval- en hemelwater en hemelwater, in beheer bij een gemeente of een rechtspersoon die door een gemeente met het beheer is belast;
Openbaarriool: Openbare buitenriolering zoals nader verduidelijkt is in tekeningen van NEN 3215:2011 +C1:2014 bij de toelichting bij deze verordening;
Drukriool (drukriolering): systeem van leidingen waarbij afvalwater wordt verpompt;
Aansluitleiding: Combinatie van perceelaansluitleiding en/of ontstoppingsstuk en/of terreinleiding;
Perceelaansluitleiding: het deel van de aansluitleiding vanaf de perceelsgrens/ ontstoppingsstuk tot aan het aansluitpunt op het openbare riool.
Ontstoppingsstuk: voorziening die toegang geeft tot het inwendige van een leiding en waarmee beheer en onderhoud van de leiding van binnenuit mogelijk wordt.
Terreinleiding: Deel van de aansluitleiding vanaf het gebouw tot aan de perceelsgrens/ ontstoppingsstuk
Aansluitpunt: het punt waar de perceelaansluitleiding aansluit op het openbare riool. Bij openbare vrijvervalriolering betreft dit de inlaat in de buis van het openbaar riool. Bij openbare drukriolering betreft dit de inlaat in de put van het drukrioolgemaal.
Afvalwater: huishoudelijk afvalwater en/of bedrijfsafvalwater;
Grondwater: water dat vrij onder het aardoppervlak voorkomt, met de daarin aanwezige stoffen;
Drainage(voorziening): ontwateringsmiddel voor het kunstmatig laag houden van de grondwaterstand welke vrij afstroomt waarbij niet direct of indirect gebruik gemaakt wordt van een pomp(constructie);
Bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct hetzij indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren;
Alternatieve sanitatie: ook wel decentrale sanitatie en hergebruik of brongescheiden sanitatie genoemd. Is het gescheiden en decentraal verwerken van afvalwaterstromen, meestal direct bij de bron.
Gemiddeld Hoogste Grondwaterstand (GHG): indicatie van de grondwaterstand in de winter over een langere periode. De GHG is gebaseerd op metingen uit de praktijk.
Proceswater: al het water (leidingwater, grondwater of oppervlaktewater) dat gebruikt wordt in een fabrieksproces waarbij producten worden gemaakt.
Drainagewater: grondwater dat wordt afgevoerd, vaak via een stelsel van geperforeerde buizen die in de grond zijn aangebracht
Artikel 1
Begripsbepalingen
Onderdeel van Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Breda houdende regels omtrent riool (Stedelijkwaterverordening Breda 2019)