Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4

Artikel 4.2

Criteria specifieke maatwerkvoorzieningen

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning 2020

1.. De maatwerkvoorziening HO wordt ingezet ter realisatie van het te bereiken resultaat “voeren van een huishouden” en het meest in het bijzonder een “schoon en leefbaar huis” en “schone en draagbare kleding” zoals gesteld in artikel 3.1. Een schoon huis betekent dat de leefvertrekken schoon moeten zijn volgens algemeen gebruikelijke hygiënische normen. Leefbaar staat voor opgeruimd en functioneel. 2.. De maatwerkvoorziening Primaire levensbehoeften wordt ingezet ter realisatie van het te bereiken resultaat “voeren van een huishouden” en meer in het bijzonder “het beschikken over goederen voor primaire levensbehoeften” en ”het bereiden en neerzetten van de maaltijden” zoals gesteld in artikel 3.1. 3.. De maatwerkvoorziening begeleiding wordt ingezet ter realisatie van één of meerdere resultaten zoals gesteld in artikel 3.1 in lid 3 tot en met 6. De maatwerkvoorziening kan bestaan uit begeleiding groep (dagbesteding) en begeleiding individueel. 4.. De maatwerkvoorziening kortdurend verblijf wordt ingezet ter noodzakelijke ontlasting van de persoon die gebruikelijke zorg of mantelzorg verleent zodat deze de zorg langer kan volhouden. Kortdurend verblijf heeft tot doel de cliënt in staat te stellen zo lang mogelijk zelfstandig te wonen zoals gesteld in artikel 3.1, lid 5 onder a. 5.. De intramurale maatwerkvoorziening beschermd wonen wordt ingezet ter realisatie van één of meerdere resultaten zoals gesteld in artikel 3.1 in lid 5 en 6. Voor de maatwerkvoorziening beschermd thuis gelden dezelfde te behalen resultaten waarbij de maatwerkvoorziening wordt ingezet ter voorkoming dan wel afschaling van beschermd wonen (artikel 3.1 lid 5 onder a). 6.. Het college stelt in nadere regels aanvullende criteria vast op uitvoerend niveau in verband met de beoordeling van aanvragen voor een specifieke maatwerkvoorziening.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel