Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf

Artikel 2.2.2

Inhoud gesprek

Onderdeel van Verordening sociaal domein

De medewerker bespreekt met de inwoner welk effect hij wil bereiken. In het gesprek onderzoekt de medewerker voor zover dat nodig is: de behoefte van de inwoner: wat is er nodig? Denk ook aan in de persoon gelegen factoren, voorkeuren, veiligheid, ontwikkeling en gezinssituatie en het probleem of de hulpvraag; de persoonlijke situatie en voorkeuren van de inwoner: hoe zien die eruit, hoe kan daarmee rekening worden gehouden en wat betekent dit voor het gewenste effect? de (on)mogelijkheden van de inwoner: (hoe) kan de inwoner zelf bijdragen aan de oplossing van het probleem? de omgeving van de inwoner: welke hulp kan het sociale netwerk of kunnen organisaties bieden en hoe kan er met de gemeente worden samengewerkt om de inwoner goed te helpen? welke hulp er gegeven kan worden: zijn er collectieve voorzieningen, komt iemand in aanmerking voor een bijstandsuitkering? Kan er een pgb worden verstrekt? Moet de inwoner een bijdrage in de kosten betalen? het gewenste effect van het verzoek van de hulpvraag; de mogelijkheden om gebruik te maken van een andere voorziening; de mogelijkheden om hulp te verlenen met gebruikmaking van een overige voorziening; de mogelijkheden om een individuele voorziening te verstrekken; hoe een eventuele individuele voorziening wordt afgestemd met andere voorzieningen op het gebied van zorg, onderwijs, maatschappelijke ondersteuning, of werk en inkomen; hoe rekening zal worden gehouden met het geloof, de levensovertuiging en de culturele achtergrond van de inwoner; de mogelijkheden om te kiezen voor een pgb, waarbij in begrijpelijke woorden wordt uitgelicht over de gevolgen voor die keuze. Gaat het om Wmo-hulp, dan betrekt de gemeente ook anderen bij het gesprek, als dat nodig is. Het kan dan gaan om deskundigen, iemand die de inwoner vertegenwoordigt, een mantelzorger(s) of familie. Als de inwoner mantelzorg krijgt, gaat de gemeente na of er maatregelen genomen moeten worden om die mantelzorger te ondersteunen. Gaat het over een bijstandsuitkering, dan vertelt de gemeente ook over de rechten en plichten die van toepassing zijn bij een bijstandsuitkering. De informatiemap wordt overhandigd en de inwoner tekent voor ontvangst. Tevens kijkt de gemeente naar de afstand tot de arbeidsmarkt en welke opdrachten in dat kader alvast meegegeven kunnen worden. De gemeente kan gebruik maken van de deskundigheid van een onafhankelijke (medisch) deskundige of instrument bij onder andere: vaststelling van de jeugdhulpvraag; vaststelling van opgroei- en opvoedingsproblemen, psychische problemen en stoornissen; bepaling van de aard en omvang van de jeugdhulp; vaststelling van de belastbaarheid in het kader van re-integratie. vaststelling van de loonwaarde voor het bepalen van loonkostensubsidie in het kader van de Participatiewet; vaststelling van de leerroute; vaststelling van competenties en verschillende leefgebieden; de uitgifte van een gehandicaptenparkeerkaart

Rechtspraak bij dit artikel