Vrijgesteld voor de parkeerbelastingen als bedoeld in artikel 2 zijn:
houders van een in of buiten de Europese Gemeenschap geldige gehandicaptenparkeerkaart (zowel voor bestuurders als passagiers), mits deze parkeerkaart met de daartoe bestemde zijde op een van buitenaf duidelijk leesbare plaats direct achter de vooruit van het voertuig is geplaatst. Indien geen voorruit aanwezig is, dient de parkeerkaart op een van buitenaf zichtbare plaats leesbaar te worden aangebracht;
degenen die een dienstvoertuig hebben geparkeerd ter uitvoering van hun taak voor de openbare dienst van de gemeente.
Artikel 9
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van parkeerbelastingen 2020