Tijdens het vraagverhelderingsgesprek wordt besproken of de cliënt serieus overweegt te gaan dan wel te blijven sporten. Daarbij wordt gekeken naar de bijdrage van sporten aan de maatschappelijke participatie en waarom andere oplossingen met hetzelfde doel niet mogelijk zijn.
Bij de verstrekking van een sportvoorziening wordt rekening gehouden met de gebruikelijke levensduur van zo’n voorziening. Dat wil zeggen dat het college maximaal eens per drie jaar een sportvoorziening verstrekt. Daar kan een uitzondering voor gelden als de eerder verstrekte dan wel met een pgb aangeschafte sportvoorziening technisch is afgeschreven.
Hoofdstuk 9
Artikel 9.11.2