**1..** In de situatie als bedoeld in artikel 2, lid 1, sub a, onder 2e, namelijk bij korte overbrugging tussen twee woonadressen, mag een briefadres worden gekozen voor de duur van maximaal zes maanden. Deze termijn kan eenmalig met maximaal drie maanden worden verlengd.
**2..** In de situatie als bedoeld in artikel 2, lid 1, sub a, onder 4e en 5e, namelijk bij verblijf in buitenland, mag een briefadres worden gekozen voor de duur van maximaal de periode dat aangever buiten Nederland zal verblijven.
**3..** In de situatie als bedoeld in artikel 2 lid 1 onder e mag een briefadres worden verleend voor de duur die de burgemeester noodzakelijk acht.
**4..** In de situatie als bedoeld in artikel 2 lid 1 onder c en d, en lid 2 mag een briefadres worden gekozen voor de duur van maximaal de periode dat aangever in deze instelling zal verblijven.
**5..** Als de aangever voor het aflopen van de termijn als bedoeld in lid 1 tot en met 4 geen woonadres heeft, wordt door de aangever een verzoek ingediend om het briefadres te verlengen.
**6..** De aanvraag voor verlenging van het briefadres wordt beoordeeld met inachtneming van de artikelen 2 en 5. De aangever, dan wel de briefadresgever, kan daarbij gevraagd worden in persoon te verschijnen.
**7..** Diegene, op wie het briefadres betrekking heeft en een ander adres krijgt, is gehouden om in de periode tussen vier weken vóór de beoogde verhuisdatum tot en met de vijfde dag na verhuisdatum hiervan aangifte te doen bij de gemeente waar hij zijn nieuwe adres heeft.
**8..** De briefadreshouder verklaart iedere drie maanden dat de noodzaak tot het houden van het briefadres nog steeds aanwezig is. Daarbij meldt hij eventuele nieuwe feiten, die van belang kunnen zijn voor de beoordeling van het voortbestaan van dit briefadres.
**9..** De in lid 8 genoemde verplichting is niet van toepassing indien het briefadres betreft als bedoeld in artikel 2 lid 1 onder d of lid 2.