Het college beoordeelt aan de hand van de individuele omstandigheden of de aanvrager uitzicht op inkomensverbetering heeft. Hierbij neemt het college in ieder geval in aanmerking:
De krachten en bekwaamheden van de aanvrager;
De inspanningen die de aanvrager heeft verricht om tot inkomensverbetering te komen.
In één of meer van de volgende situaties is in ieder geval geen sprake van uitzicht op inkomensverbetering:
aanvrager ontvangt een WAO/WIA/WAJONG uitkering op basis van volledige arbeidsongeschiktheid;
aanvrager heeft geen arbeids- noch re-integratieverplichting op grond van artikel 9, vijfde lid van de wet (duurzaam en volledig arbeidsongeschikt als bedoeld in artikel 4 WIA);
de alleenstaande ouder heeft een ontheffing van de arbeidsverplichting op grond van artikel 9a van de wet;
aanvrager heeft een tijdelijke ontheffing van de arbeidsverplichtingen op grond van de wet gedurende minimaal nog 6 maanden;
aanvrager ontving minstens 24 maanden aaneensluitend en onmiddellijk voorafgaande aan de aanvraag/peildatum een uitkering op grond van de wet, IOAW of IOAZ en heeft in de afgelopen periode van 12 maanden niet (parttime) gewerkt noch een opleiding of traject gevolgd met uitstroom garantie of een grote kans op uitstroom;
aanvrager ontvangt een uitkering op grond van de wet, IOAW, IOAZ en is ingedeeld op trede 1, 2, 3 of 4 van de Participatieladder.
aanvrager ontvangt een uitkering op grond van de wet, IOAW of IOAZ en is ingedeeld op trede 5 zonder groeipotentie;
belanghebbende ontving minstens 24 maanden voorafgaande aan de aanvraag geen inkomsten uit arbeid of daaraan gerelateerde inkomsten (ZW en WW).
Studenten hebben uitzicht op inkomensverbetering en hebben hierdoor geen recht op de inkomenstoeslag, tenzij het studenten betreffen die in aanmerking komen voor de individuele studietoeslag op grond van artikel 36b van de wet én aan de overige voorwaarden van de individuele inkomenstoeslag voldoen.
Het college maakt in alle andere dan in het tweede en derde lid genoemde situaties een individuele afweging of sprake is van uitzicht op inkomensverbetering.
Indien een maatregel in verband met de arbeids- of re-integratieverplichting is opgelegd in de referteperiode, wordt individueel beoordeeld of aanvrager voldoende inspanningen heeft verricht om tot inkomensverbetering te komen. Dit hoewel in zijn algemeenheid er vanuit kan worden gegaan, dat degene die een maatregel opgelegd kreeg, in verband met het niet nakomen van de arbeids- en re-integratieverplichting, doorgaans onvoldoende inspanning heeft verricht om tot inkomensverbetering te komen. Een waarschuwing wordt niet aangemerkt als een maatregel.
Artikel 3.
Zicht op inkomensverbetering
Onderdeel van Nadere regels individuele inkomenstoeslag gemeente Midden-Groningen 2020