Bouwbesluit:de algemene maatregel van bestuur waarin de minimale eisen en technische voorschriften voor zowel het bouwen van nieuwe bouwwerken als voor de staat van bestaande bouwwerken zijn vastgelegd.
Kaderafspraken: stedelijk geldende afspraken van de gemeente, woningcorporaties en de Federatie Amsterdamse Huurderskoepels over hoe corporaties en huurders het participatieproces dienen in te richten bij sloop of renovatie van woonruimten.
Noodzakelijk bouwkundig onderhoud of herstel: hiervan is sprake als een gebouw met woonruimten in een zodanige staat verkeerd dat burgemeester en wethouders handhavend kunnen optreden op grond van het minimale niveau voor bestaande bouw uit het Bouwbesluit.
Onuitvoerbaar in bewoonde staat: indien werkzaamheden ten behoeve van noodzakelijk bouwkundig onderhoud of herstel een verhuurde woonruimte voor een periode van tenminste 6 maanden onbewoonbaar maakt.
Peildatum: de datum die door burgemeester en wethouders in een besluit wordt aangemerkt als aanvangsdatum van de herhuisvesting van huurders vanwege stadsvernieuwing.
Oriëntatiefase: het verkennen van verschillende mogelijkheden van de vernieuwing of verbetering van een bepaald complex en het opzetten van de bewonersparticipatie zoals voorgeschreven in de Kaderafspraken.
Renovatie: gedeeltelijke vernieuwing van een woonruimte door veranderingen van of toevoegingen aan de woonruimte.
Semi-stadsvernieuwingsurgentie: een specifieke vorm van stadsvernieuwingsurgentie voor gezinsleden, zijnde eigen kinderen ouder dan 23 jaar, en hoofdbewoners van onzelfstandige woningen met een regulier huurcontract.
Stadsvernieuwingsurgentie: een huurder met stadsvernieuwingsurgentie kan met voorrang zoeken naar een woonruimte in WoningNet binnen de aangewezen categorie woonruimten.
Verhuiskostenvergoeding: vergoeding als bedoeld in artikel 220, zesde lid, van Boek 7 van het Burgerlijk wetboek.
Wisselwoning: een (al ingerichte) woning waar de huurder tijdelijk verblijft totdat de werkzaamheden in eigen woning zijn afgerond.