‘dag’: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt;
‘maand’: een kalendermaand;
‘kwartaal’: een kalenderkwartaal;
‘markt’: de door het college ingestelde warenmarkt;
‘standplaats’: de ruimte die voor de duur van de markt is aangewezen voor het uitoefenen van de markthandel.
Artikel 1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van marktgelden 2020