Deze verordening verstaat onder:
begraafplaats: een begraafplaats in Kaag en Braassem die door de gemeente wordt beheerd;
algemeen graf: een graf bij de gemeente in beheer waarin gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van stoffelijke overschotten;
keldergraf: een betonnen of gemetselde constructie waarin een of meerdere lijken worden begraven of asbussen worden bijgezet;
particulier graf: een zandgraf of keldergraf waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot:
het doen begraven en begraven houden van lijken;
het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urn;
het doen verstrooien van as;
particulier urnengraf: een graf waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot:
het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;
het doen verstrooien van as;
particuliere urnennis: een nis waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;
particulier kindergraf: een graf waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen begraven van lijken van kinderen beneden 12 jaar;
particuliere gedenkplaats: een plaats waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend om overledenen te gedenken;
verstrooiingsplaats: een permanent daartoe bestemd veld op de begraafplaats waar as wordt verstrooid;
gedenkteken: voorwerp op het graf voor het aanbrengen van opschriften of figuren;
asbus: een bus voor de berging van as van een overledene;
urn: een voorwerp voor de berging van een of meerdere asbussen;
urnentuin: een gedeelte van de begraafplaats bestemd tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen in een particulier urnengraf;
rechthebbende: een natuurlijk persoon of rechtspersoon aan wie een uitsluitend recht is verleend op een particulier graf, een particulier urnengraf of een particuliere gedenkplaats, dan wel degene die redelijkerwijze geacht kan worden in diens plaats te zijn getreden;
gebruiker: een natuurlijk persoon of rechtspersoon aan wie een recht tot gebruik van een ruimte in een algemeen graf is verleend, dan wel degene die redelijkerwijze geacht kan worden in diens plaats te zijn getreden.
stoffelijk overschot: het lichaam van een overledene of doodgeborene.
Artikel 1.
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van VERORDENING OP DE HEFFING EN DE INVORDERING VAN LIJKBEZORGINGSRECHTEN 2020