In deze beleidsregels bijzondere bijstand wordt verstaan onder:
college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Tytsjerksteradiel;
wet: de Participatiewet;
bijzondere bijstand: de bijstand als bedoeld in artikel 35 van de wet die bestemd is voor de uit bijzondere omstandigheden voortvloeiende noodzakelijke kosten die niet kunnen worden voldaan uit het relevante inkomen, de individuele inkomenstoeslag, de individuele studietoeslag en het in aanmerking te nemen vermogen;
individuele inkomenstoeslag: de toeslag bedoeld in artikel 36 van de wet, die bestemd is voor personen van 21 jaar en ouder die langdurig een laag inkomen hebben, niet beschikken over in aanmerking te nemen vermogen en ondanks voldoende inspanningen geen uitzicht hebben op inkomensverbetering en naar vermogen vrijwilligerswerk verrichten of mantelzorg bieden;
individuele studietoeslag: de toeslag bedoeld in artikel 36b van de wet, die bestemd is voor personen van 18 jaar en ouder, die studeren en WSF of WTOS ontvangen, geen in aanmerking te nemen vermogen hebben en van wie is vastgesteld dat zij als gevolg van een arbeidshandicap niet het wettelijk minimumloon kunnen verdienen, doch wel arbeidscapaciteit hebben;
bijstandsnorm: de norm zoals bedoeld in de artikelen 20 tot en met 30 van de wet;
toepasselijk sociaal minimum: de bijstandsnorm die in het individuele geval geldt;
inkomen: het inkomen als bedoeld in artikel 32 van de wet;
vermogensgrens: de vermogensgrens als bedoeld in artikel 34 van de wet;
medische- en zorgkosten: de kosten genoemd in 6:5, 6:10 Grip op PW);
niet-medische kosten: de kosten genoemd in 6:6, 6:7, 6:11, 6:12 Grip op PW);
algemene bestaanskosten: de kosten genoemd in 6:8, 6:9, 6:13, 6:14, 6:15, 6:16, 6:17, 6:18 Grip op PW).
Hoofdstuk
Artikel 1: