Naar hoofdinhoud
1.. Een incidentele subsidie voor VVE-certificering kan eenmalig worden verstrekt als bijdrage in de kosten van opleidingsactiviteiten, inclusief materialen, die strekken tot VVE-certificering van de aanbieder. Daarbij geldt de verplichting om bij de subsidieaanvraag een ondertekende intentieverklaring in te dienen waaruit blijkt dat de betreffende organisatie VVE- gecertificeerde peuteropvang gaat aanbieden met ingang van een tussen de gemeente en aanbieder overeen te komen datum. 1.. Bij de subsidieaanvraag dient in ieder geval de volgende informatie verstrekt te worden: Naam en registratienummer van de aanbieder in het Landelijk Register Kinderopvang De naam en beschrijving van het VVE-programma dat de aanbieder gaat hanteren; Een onderbouwing van de hoogte van de gevraagde subsidie; Het opleidingsplan van de pedagogisch medewerkers met daarbij vermeld het aantal opleidingsuren; De wijze waarop de continuïteit en kwaliteit van het VVE-programma en de scholing gewaarborgd wordt na subsidieverstrekking. 3.. De subsidie heeft uitsluitend betrekking op kosten die resteren na aftrek van bijdragen van derden en die naar het oordeel van het college noodzakelijk zijn voor: aanschaf VVE-programma en eventueel bijbehorende materialen; scholingskosten VVE-programma (exclusief de kosten voor tijdverzuim door medewerkers); aanschaf observatiemethode; opleidingskosten observatiemethode; aanschaf kind-volgsysteem. 4.. De subsidie bedraagt per aanbieder maximaal € 10.000,00.

Rechtspraak bij dit artikel