Naar hoofdinhoud
1.. Voor de toepassing van deze regeling en de daarop berustende bepalingen worden met mandaat gelijkgesteld de verlening van: volmacht; machtiging. 2.. De mandaathouder maakt van de aan hem verleende bevoegdheid slechts gebruik ten aanzien van aangelegenheden die behoren tot het werkterrein van zijn team of tot het aan hem opgedragen aandachtsgebied/project. 3.. De mandaathouder kan enkel gebruik maken van zijn mandaat voor het aangaan van financiële verplichtingen voor zover daarin is voorzien in de begroting. 4.. Geen mandaat wordt verleend indien artikel 10:3 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is. 5.. Wanneer een te nemen besluit het taakgebied van een ander team raakt, legt de mandaathouder de zaak vooraf voor aan de teammanager van dat andere team. Indien geen overeenstemming wordt bereikt legt de mandaathouder de zaak voor aan de gemeentesecretaris. 6.. Daar waar een bevoegdheid is verleend tot het nemen van een besluit omvat dit tevens de bevoegdheid tot ondertekening, tenzij dit wettelijk is uitgesloten. 7.. Daar waar volmacht is gegeven om een privaatrechtelijke rechtshandeling te verrichten omvat dit tevens de opdracht van de burgemeester aan de gevolmachtigde tot vertegenwoordiging van de gemeente als bedoeld in artikel 171, lid 2, van de Gemeentewet (o.a. ondertekening overeenkomst).

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel