**1..** De ondersteuning bij het huishouden is gericht op een of meer van de volgende resultaten:
wonen in een schoon en leefbaar huis;
beschikken over schone kleding;
beschikken over de benodigde dagelijkse maaltijden;
beschikken over de benodigde boodschappen;
thuis kunnen zorgen voor de minderjarige kinderen;
Er is sprake van regie over het doen van het huishouden.
**2..** Wonen in een schoon en leefbaar huis heeft uitsluitend betrekking op ruimten in de woning die:
nodig zijn voor het normale gebruik van de woning, en
daadwerkelijk en met enige regelmaat in gebruik zijn.
**3..** Uitgezonderd zijn in ieder geval de zorg voor dieren en planten, een kelder, berging, logeerkamer en zolder, alsmede de buitenzijde van de woning.
**4..** Bij het oordeel of en in hoeverre gebruikelijke hulp kan worden gevergd, houdt het college –onverminderd de wettelijke definitie- in ieder geval rekening met;
de omvang van de ondersteuningsbehoefte;
de leeftijd en de ontwikkelingsfase van inwonende kinderen;
de omstandigheid dat een huisgenoot regelmatig en langdurig niet aanwezig is vanwege activiteiten elders met een verplichtend karakter.
**5..** Om de in genoemde resultaten en criteria, genoemd in lid 1-4, te objectiveren, stelt het college dit in een beleidsregel vast. Daarin is in ieder geval opgenomen de aard van de te verrichten activiteiten alsmede de frequentie ervan
HOOFDSTUK 4
Artikel 4.8