Deze beleidsregel heeft uitsluitend betrekking op de toepassing van de wet. Het laat onverlet dat binnen de grenzen van enige andere wet een integriteitstoets wordt uitgevoerd en dat de uitkomsten daarvan bij verdere besluitvorming worden betrokken.
In gevallen waarin deze beleidsregel niet voorziet en er toch aanwijzingen zijn die het vermoeden rechtvaardigen dat sprake is van ernstig gevaar als bedoeld in artikel 3 van de wet, ten aanzien van:
de integriteit van de aanvrager;
de integriteit van het zakelijk samenwerkingsverband;
de transparantie van de financiering;
de transparantie van de bedrijfsstructuur;
de transparantie van de organisatiestructuur,
beslist het bestuursorgaan of zij de wet daarop van toepassing wil laten zijn.