Naar hoofdinhoud
De toezichthouder ontleent de hierna toegekende bevoegdheden aan hoofdstuk 5 van de Algemene Wet Bestuursrecht. De toezichthouder is in verband met de uitvoering van de taken als genoemd in artikel 40, bevoegd: a.. met uitzondering van het zonder toestemming van een bewoner betreden van een woning, elke plaats te betreden met inbeslagname van apparatuur (zoals laptop, fotocamera); b.. zich zo nodig toegang verschaffen met behulp van de sterke arm; c.. zich te laten vergezellen door personen die door hem zijn aangewezen; d.. inlichtingen te vorderen; e.. inzage te vorderen van een identiteitsbewijs; f.. zakelijke gegevens te vorderen, kopieën te maken of documenten mee te nemen om te kopiëren; g.. onderzoek te doen; h.. rapport op te maken ter zake een geconstateerde overtreding van de bepalingen van de Wet BRP, als genoemd in artikel 40.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel