Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6 › Paragraaf 6.2

Artikel 6.2.3

Algemene privaatrechtelijke mandaten

Onderdeel van Mandaatregeling B&W en burgemeester 2020 Gemeente Utrecht

Nr. Bevoegdheden Mandaatgever Gemandateerden en financiële grenzen 6.2.3.1 Gemeentewet: art. 160 lid 1 sub d: overheidsopdracht met betrekking tot werken, leveringen of diensten. Het mandaat voor de IRM is financieel beperkt tot een waarde ≤ € 5.000.000,- College tot een waarde ≤ €100.000,-: Hoofd afdeling Burgerzaken Hoofd afdeling Bedrijfsbureau Hoofd afdeling klanten contact centrum (KCC) Programmamanager publieksdienstverlening en Hoofd International Welcome Centre Utrecht Region 6.2.3.2 Gemeentewet: art. 160 lid 1 sub d: besluiten tot het aangaan van een overeenkomst gericht op het inlenen van personeel. College IRM niet bevoegd tot ondermandaat. 6.2.3.3 Gemeentewet, artikel 160 eerste lid sub e: te besluiten tot het aanwijzen van een directievoerder/toezichthouder en het verstrekken van een toereikende volmacht aan deze om, binnen de kaders van een in de volmacht specifiek genoemde overheidsopdracht met betrekking tot een werk, rechtshandelingen namens de gemeente te verrichten in de hoedanigheid van directievoerder/toezichthouder. De directievoerder/toezichthouder kan in dit specifieke geval een derde zijn die niet in dienst is van de gemeente Utrecht. College alle onder 6.2.3.1 genoemde gemandateerden. 6.2.3.4 Gemeentewet: art. 160 lid 1 sub d: besluiten tot het aangaan van vaststellingsovereenkomsten ter beëindiging of voorkoming van onzekerheid of geschil omtrent hetgeen tussen partijen rechtens geldt.Het mandaat voor de IRM is financieel beperkt tot een waarde ≤ € 1.000.000. College IRM niet bevoegd tot ondermandaat. 6.2.3.5 Gemeentewet: art. 160 lid 1 sub d: de bevoegdheid om tijdens een civielrechtelijke procedure ter zitting een regeling te treffen ter beëindiging of voorkoming van onzekerheid of geschil omtrent hetgeen tussen partijen rechtens geldt. Het mandaat voor de IRM is financieel beperkt tot een waarde ≤ € 1.000.000. College Bij afzonderlijk besluit door IRM te mandateren. 6.2.3.6 Gemeentewet: art. 160 lid 1 sub d: besluiten tot het verrichten van andere dan de onder 1, 2, 3, 4 en 5 van deze paragraaf genoemde privaatrechtelijke rechtshandelingen met een financieel belang voor de gemeente met uitzondering van: - financieringsovereenkomsten. - het verstrekken van geldleningen. - het verstrekken van financiële garanties en borgstellingen. - het oprichten van of het deelnemen in rechtspersonen. - privaatrechtelijke rechtshandelingen m.b.t. onroerende zaken.Het mandaat voor de IRM is financieel beperkt tot een waarde ≤ € 5.000.000. College Nog niet ondergemandateerd. 6.2.3.7 Gemeentewet: art. 160 lid 1 sub d: besluiten tot het verrichten van andere dan de onder 1, 2, 3, 4, 5 en 6 van deze paragraaf en de in de paragraaf Specifieke privaatrechtelijke mandaten genoemde privaatrechtelijke rechtshandelingen, zonder een financieel belang voor de gemeente. College Nog niet ondergemandateerd, tenzij anders benoemd in de paragraaf Specifieke privaatrechtelijke mandaten. 6.2.3.8 Het wijzigen of beëindigen van overeenkomsten die op grond van een besluit van het college (niet in mandaat) of de Algemeen Directeur zijn aangegaan, en het uitoefenen of uitvoeren van de aan de overeenkomst verbonden rechten en verplichtingen. College IRM niet bevoegd tot ondermandaat. 6.2.3.9 Burgerlijk wetboek, Ambtenarenwet, Cao Gemeenten, Handboek Utrecht Personeel: de bevoegdheid te besluiten tot het aangaan of beëindigen van arbeidsovereenkomsten met of schorsing van (gewezen) werknemers, niet zijnde de IRM zelf. College IRM niet bevoegd tot ondermandaat 6.2.3.10 Burgerlijk wetboek, Ambtenarenwet, Cao Gemeenten, Handboek Utrecht Personeel: alle overige bevoegdheden t.a.v. (gewezen) werknemers, niet zijnde de IRM, met uitzondering van de bevoegdheden die gemandateerd zijn aan de manager HRM. College Hiërarchisch leidinggevende

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel