(artikel 3.7 Wmo-verordening 2015)
a Productbeschrijving
Nachtopvang
Nachtopvang is laagdrempelige opvang voor mensen die dak- of thuisloos zijn en biedt gedurende het hele jaar kortdurend verblijf. Mensen kunnen hier ’s avonds en ’s nachts tijdelijk verblijven.
Mensen die via de nachtopvang in beeld komen worden waar mogelijk toegeleid naar trajecten die voor hen het meest passend zijn. Dat begint met een doorverwijzing naar het stedelijk loket. Hier wordt de mate van zelfredzaamheid in kaart gebracht en nagegaan of er binding is met de regio Amsterdam. Op basis daarvan wordt een inschatting gemaakt of een traject in de maatschappelijke opvang in Amsterdam mogelijk of noodzakelijk is, of dat er andere mogelijkheden zijn.
Als binding met Amsterdam niet aanwezig is maar opvang wel noodzakelijk, dan moet de gemeente waar de persoon wel binding mee heeft opvang bieden. Voor mensen die niet zelfstandig in staat zijn zich bij die gemeente te melden, organiseert Amsterdam een warme overdracht.
De verblijfsduur in de nachtopvang is in principe zolang als nodig gelet op de specifieke situatie van de cliënt.
Er zijn drie specifieke vormen van nachtopvang, waar toeleiding naar een traject niet de primaire doelstelling is. Het zijn:
Stoelenproject: een basale vorm van onderdak gedurende de wintermaanden.
Amoc: beperkte opvang en terugkeertrajecten voor niet-rechthebbenden die in een crisissituatie verkeren.
Winterkoudeopvang: tijdelijke uitbreiding van het aantal plaatsen nachtopvang wanneer sprake is van extreme koude.
Crisisopvang
Crisisopvang betreft kortdurend verblijf op locaties waar nachtopvang wordt geboden. De GGD Amsterdam heeft de regie over deze plekken. Deze crisisopvang is naar zijn aard geen voorziening die je aanvraagt, waarna er een beoordeling en beschikking plaatsvindt; het gaat hierbij om kortdurend voltijd verblijf naar aanleiding van een crisissituatie, op specifiek voor dat doel bestemde plekken, voor maatschappelijke opvang gedurende drie dagen en voor opvang na huiselijk geweld gedurende tien dagen. Er wordt snel ingegrepen, en nadat de eerste crisis is bezworen wordt nader gekeken naar meer structurele hulp, waaronder de mogelijkheid van een maatwerkvoorziening opvang.
Noodopvang dakloze gezinnen
Noodopvang voor dakloze gezinnen is kortdurend voltijdverblijf voor Amsterdamse gezinnen die feitelijk acuut dak- en thuisloos zijn geworden. Deze opvang duurt maximaal drie maanden met eenmalig de mogelijkheid tot verlenging met nog eens drie maanden. Het doel van de opvang is dat betrokkenen en hun kinderen een plek hebben van waaruit zij de mogelijkheden voor een meer structurele oplossing kunnen zoeken. Het gezin dient mee te werken aan een traject dat gericht is op het opheffen van de situatie van dakloosheid en het herstel naar een zo zelfstandig mogelijk bestaan.
In de noodopvang voor dakloze gezinnen wordt bij de melding, alsmede gedurende het hele verblijf, samen met de betrokkene(n) gezocht naar alternatieven om toch zelf te voorzien in onderdak, bijvoorbeeld via familie of binnen het sociale netwerk. Voor het verblijf in de noodopvang voor dakloze gezinnen geldt een aantal algemene voorwaarden. Dit houdt in dat het gezin:
Minimaal de afgelopen twee jaar in Nederland heeft gewoond, met als meest recente woonplek Amsterdam;
Zich inschrijft bij Woningnet en de inschrijving op tijd verlengt;
In Woningnet wekelijks reageert op maximaal kansrijke woningen en daarbij geen voorkeur voor een bepaalde woning of buurt opgeeft;
Gezien de lange wachtduur voor een sociale huurwoning in Amsterdam bereid is om te verhuizen naar een gemeente buiten Amsterdam;
Meewerkt aan de persoonlijke begeleiding die het ontvangt in de noodopvang;
Na ondertekening van de overeenkomst voor bemiddeling naar een passende woning, de aangeboden woning niet mag weigeren. Mocht er toch sprake zijn van een weigering dan zal per situatie bekeken moeten worden welke passende maatregelen worden getroffen, waarbij beëindiging van de voorziening een mogelijkheid is.
Als uit onderzoek blijkt dat behandeling noodzakelijk is dan is deze voorziening voorliggend en wordt iemand daar naartoe verwezen.
Passantenpension
Mensen die dak- en thuisloos maar wel redelijk zelfredzaam zijn, kunnen door het stedelijk loket worden doorverwezen naar een passantenpension. Een passantenpension biedt hen in het kader van maatschappelijke opvang tijdelijk verblijf. De groep die hiervoor in aanmerking komt heeft deze stabiele huisvesting nodig om van daaruit op eigen kracht of met behulp van kortdurende ondersteuning vanuit maatschappelijk dienstverlening hun problemen op te kunnen oplossen.
Naast bovenstaande producten biedt de maatschappelijke opvang ook de volgende producten:
Inloop
Inloop is het aanbieden van laagdrempelige dagopvang voor dak- en thuislozen in het kader van de maatschappelijke opvang. In de inloop wordt een cliënt een daginvulling geboden, door deel te nemen aan recreatieve of maatschappelijke activiteiten. Bezoekers van inlooplocaties kunnen zelf als vrijwilliger een deel van de activiteiten en het beheer van het inloophuis voor hun rekening nemen, onder toezicht van tenminste één professioneel staflid. Het doel van inloop is het signaleren van een andere ondersteuningsvraag, o.a. op het gebied van dagbesteding, het signaleren van veiligheidsrisico’s en het voorkomen van overlast op straat.
Veldwerk
Veldwerk is het outreachend en op signaal van derden bieden van kortdurende ondersteuning aan dak- en thuislozen die opvallen, dan wel overlast veroorzaken in het openbare domein. Het doel van veldwerk is het in beeld krijgen van verloedering dan wel overlast en het oplossen daarvan door een zorgkader te scheppen. Veldwerk heeft sterk het karakter van zorgtoeleiding: snel beoordelen wat er aan de hand is en daarna doorverwijzen naar een geschikt zorgkader, indien een zorgkader van toepassing is. Veldwerk wordt aangeboden door een stedelijk veldwerkteam dat voor de gehele stad werkt. Derde partijen zoals politie, stadsdeel, maatschappelijke en zorgpartners kunnen een signaal bij het veldwerkteam inbrengen.
b Voorliggende oplossingen
Er wordt samen met betrokkene bekeken of deze alternatieven heeft om tijdelijk te voorzien in onderdak, bijvoorbeeld via familie of een sociaal netwerk.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.7