aProductbeschrijving
Een auto is een motorrijtuig op vier wielen, ingericht voor het vervoer van meerdere personen, dat blijkens het kentekenbewijs als personenauto is aangeduid. Met een autobus wordt hier bedoeld een bedrijfsauto, die zodanig is aangepast, dat een persoon met beperkingen er zittend in een rolstoel in vervoerd kan worden. Een grijs kenteken is toegestaan.
Minimum leeftijd is 18 jaar. Een rijbewijs is noodzakelijk. Het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) stelt bij mensen met beperkingen de rijvaardigheid en rijgeschiktheid vast. Op grond daarvan wordt aangegeven welke aanpassingen voor bediening en/of besturing nodig zijn. Deze worden op het rijbewijs aangetekend als beperkende bepalingen. Minimaal is een WA-verzekering verplicht.
Het gaat hier om een vervoermiddel dat voorziet in de vervoersbehoefte op de korte afstand (vanaf 100 meter) tot zeer lange afstanden (verder dan 100 kilometer). Overigens geldt voor de Wmo dat de voorziening wordt verstrekt ten behoeve van de vervoersbehoefte voor wat betreft sociaal vervoer in de directe woonomgeving. Dat met een auto verder kan worden gereden is een bijkomende eigenschap van de voorziening, maar geen grond voor de verstrekking. Auto en autobus kunnen gecombineerd worden met een financiële tegemoetkoming in de kosten van het gebruik van dit vervoermiddel.
bVoorwaarden voor verstrekking
De persoon met beperkingen heeft objectief aangetoonde belemmeringen in de sta- en loopfunctie en ondervindt ten gevolge hiervan problemen bij het verplaatsen buitenshuis, zowel op de korte als op de langere afstanden. De betrokkene moet op grond van medische beperkingen voor iedere verplaatsing buitenshuis op een auto zijn aangewezen, zodat taxivervoer - praktisch gezien - niet als een adequate voorziening kan worden beschouwd.
Uitgangspunt van deze voorziening is dat hiermee de dagelijks noodzakelijke en voor de persoon met beperkingen zeer essentiële vervoersbehoefte kan worden ingevuld. Het openbaar vervoer, collectief vervoer en/of andere verplaatsingsmiddelen (bijvoorbeeld fiets, taxi, scootmobiel, gesloten buitenwagen) en een vervoerskostenvergoeding komen op medische gronden niet in aanmerking.
Het is de combinatie van medische, sociale en functionele beperkingen en mogelijkheden van de persoon met beperkingen die tot de conclusie moet leiden dat een auto of autobus de enige adequate oplossing voor het probleem is.
Bij de afweging wordt mee gewogen of een auto(bus) voor betrokkene als algemeen gebruikelijk kan worden aangemerkt. Als dat het geval is, is verstrekking niet aan de orde. De aanvrager moet in bezit zijn van een geldig rijbewijs. Het halen van een rijbewijs is algemeen gebruikelijk; de kosten van rijlessen worden daarom niet vergoed.
Hoofdstuk 4
Artikel 4.10.7