De voorzitter van de hamerraad en de debatraad is de burgemeester. Als die afwezig is en bij behandeling van agendapunten die de portefeuille van de burgemeester betreffen wordt het voorzitterschap ingevuld door een van de plaatsvervangend raadsvoorzitters. De raad benoemt minimaal één maar bij voorkeur twee raadsleden als plaatsvervangend (of: vice-) raadsvoorzitter. Er is een profiel voor deze functie. De raads- en sessievoorzitter
zorgt voor naleving van de spelregels;
laat de bijeenkomst op tijd beginnen en let op de tijd zodat deze ook op tijd afloopt;
leidt kort het onderwerp in, zodat voor gasten en publiek duidelijk is waarover het gaat;
bewaakt de orde van de vergadering, vat samen en concludeert wat de eventuele vervolgstap in het besluitvormingsproces is;
bevordert dat elke deelnemer inbreng in de vergadering kan hebben;
deelt, indien van toepassing, het onderwerp en de uitslag van stemmingen mede;
let goed op het vergaderdoel van elke sessie: zorgt tijdens beeldvorming dat er geen meningen uitgewisseld worden maar slechts politieke vragen / feitelijke informatie, tijdens oordeelsvorming dat technische vragen niet de ruimte voor debat opsouperen en stimuleert dat deelnemers op elkaars argumenten ingaan, tijdens besluitvorming dat er geen discussies uit de oordeelsvorming worden overgedaan;
beoordeelt verzoeken om te mogen inspreken (kan alleen in sessies) die worden ontvangen na het vaststellen van de vergaderagenda door de agendacommissie
zorgt, met de deelnemers, voor een omgeving waarin deelnemers en publiek zich veilig voelen.
Zowel de raadsleden als de burgerraadsleden mogen een niet-plenaire sessie voorzitten. De gemeenteraad benoemt voldoende sessievoorzitters om ervoor te zorgen dat deze personen ook hun politieke werk als raadslid goed kunnen blijven doen.
HOOFDSTUK 1:
Artikel 2.