Naar hoofdinhoud
Burgemeester en wethouders kunnen ter uitvoering van deze verordening nadere regels vaststellen. Deze nadere regels hebben betrekking op: De bescherming van de openbare orde, de veiligheid, het milieu, het uiterlijke aanzien van de omgeving en de archeologische waarden, alsmede op het voorkomen en beperken van overlast en schade; het tijdstip, de plaats en de wijze van uitvoering van werkzaamheden bij aanleg, onderhoud, verplaatsing en opruiming van kabels en leidingen; het bevorderen van het medegebruik van voorzieningen; ondergrondse ordening, planning en coördinatie van werkzaamheden; de te verstrekken gegevens alsmede over de wijze waarop die moeten worden verstrekt. de voorwaarden voor vergoeding en herstel van de door werkzaamheden veroorzaakte schades aan verhardingen of groenvoorzieningen en de verrekening (Schaderegeling ingravingen kabels en leidingen); de voorwaarden ten aanzien van het verstrekken van nadeelcompensatie in het geval van het nemen van maatregelen ten aanzien van kabels en leidingen beschreven staat (Nadeelcompensatieregeling kabels en leidingen). De regels bedoeld in het voorgaande lid, aanhef en onder a. tot en met e. worden opgenomen in het Handboek kabels en leidingen.

Rechtspraak bij dit artikel