Een cliënt is een Eigen Bijdrage verschuldigd voor een maatwerkvoorziening (voor zover van toepassing inclusief kosten voor onderhoud) in natura of PGB, zolang de cliënt van de maatwerkvoorziening gebruik maakt of gedurende de periode waarvoor het PGB wordt verstrekt.
De bij verordening aangewezen maatwerkvoorzieningen zijn de voorzieningen genoemd onder artikel 2 lid 2 van deze verordening.
De bijdragen voor maatwerkvoorzieningen in natura of PGB, zijn gelijk aan de kostprijs, tot aan ten hoogste € 19,00 per maand per huishouden, tenzij overeenkomstig hoofdstuk 3 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 geen of een lagere Eigen Bijdrage is verschuldigd.
In afwijking van het eerste lid is geen Eigen Bijdrage verschuldigd per bijdrageperiode door inwoners met een inkomen dat gelijk is of lager dan 120% van het wettelijk minimumloon. Met uitzondering van de maatwerkvoorzieningen Beschermd Wonen of Opvang zoals aangegeven in artikel 11 lid 1 van deze verordening.
De bijdrage, bedoeld in artikel 3.1, tweede lid, van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 dan wel het totaal van de bijdragen, is gelijk aan de kostprijs, tot aan ten hoogste de door het rijk vastgestelde periodebijdrage voor de cliënt of de gehuwde cliënten tezamen, tenzij overeenkomstig artikel 2.1.4, derde lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 hoofdstuk 3 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 geen of een lagere bijdrage is verschuldigd.
In afwijking van het eerste lid is geen of een lagere Eigen Bijdrage verschuldigd voor de volgende maatwerkvoorzieningen :
Vervoer (CVV/ regiotaxi);
Rolstoel;
Huishoudelijk Tientje (HHT);
Bemoeizorg.
In afwijking van artikel 2.1.4a, vierde lid, van de wet bedraagt de hoogte van de eigen bijdrage voor de maatwerkvoorziening voor collectief vervoer (CVV/ regiotaxi) € 0,68 per zone per 1 januari 2019; vanaf 1 januari 2020 wordt het tarief jaarlijks geïndexeerd met de NEA-index.
Per zone wordt een vast bedrag betaald vermeerderd met de kosten van één zone (instap-tarief) per rit. De actuele tarieven zijn beschikbaar onder de kop tarieven op de website: https://www.omnibuzz.nl/men-reizen/ .
De kostprijs van een:
maatwerkvoorziening wordt bepaald door een aanbesteding, na consultatie in de markt of na overleg met de aanbieder;
maatwerkvoorziening in de vorm van een hulpmiddel (in bruikleen) of woningaanpassing (in eigendom) wordt tevens bepaald door de wijze van beschikbaarstelling van de voorziening;
PGB is gelijk aan de hoogte van het PGB.
In de gevallen, bedoeld in artikel 2.1.4b, tweede lid, van de wet, worden de bijdragen voor een maatwerkvoorziening in natura of PGB door het CAK vastgesteld en geïnd.
De Eigen Bijdrage voor een maatwerkvoorziening in natura of PGB ten behoeve van een woningaanpassing voor een minderjarige cliënt is - in afwijking van artikel 2.1.4a, vierde lid, van de wet- verschuldigd door de onderhoudsplichtige ouders, daaronder begrepen degene tegen wie een op artikel 394 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek gegrond verzoek is toegewezen, en degene die anders dan als ouder samen met de ouder het gezag uitoefent over een cliënt.
Mensen woonachtig in de gemeente Gennep worden - voor hun Eigen Bijdrage voor de maatwerkvoorzieningen Beschermd Wonen en Opvang, zoals bedoeld in artikel 2.1.4 Wmo 2015 - door de gemeente Gennep aangemeld bij het CAK en/of bij SVB wanneer het een PGB betreft.
HOOFDSTUK 4:
Artikel 17.
Eigen Bijdrage in de kosten van maatwerkvoorzieningen in natura of PGB’s
Onderdeel van Verordening Maatschappelijke ondersteuning gemeente Gennep 2020