Indien het aanvullend openbaar vervoer, een (rolstoel)taxikostenvergoeding en/of andere vervoersvoorzieningen (fiets, scootermobiel) niet hebben geleidt tot compensatie, kan een belanghebbende bij hoge uitzondering in aanmerking komen voor één van de overige vervoersoplossingen.
De overige vervoersoplossingen bestaan uit:
de verstrekking van een leaseauto;
de verstrekking van een gesloten buitenwagen.
Hoofdstuk 5
Artikel 5.7