De buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand als bedoeld in artikel 2, derde lid, onder b en c, krijgt geen salaris noch enige andere vergoeding.
De buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand als bedoeld in artikel 2, derde lid, onder a, ontvangt een salaris in de vorm van een vergoeding per voltrokken huwelijk of geregistreerd partnerschap.
De vergoeding is gelijk aan drie maal het uurloon behorende bij het hoogste bedrag van schaal 9, in de salarisschaaltabel in de Cao Gemeenten.
Deze vergoeding wordt opgehoogd met:
het percentage van de vakantietoelage, zoals opgenomen in de Cao Gemeenten;
het percentage van de eindejaarsuitkering, zoals opgenomen in de Cao Gemeenten; en
een extra vergoeding in verband met de afkoop van vakantiedagen ter hoogte van 8,6 % van het totaal van de vergoedingen op basis van de hiervoor genoemde percentages.
Indien de voltrekking plaats vindt op een zaterdag dan bedraagt de vergoeding 1 ½ maal het onder het derde lid genoemde bedrag.
Indien de voltrekking plaats vindt tussen 00.00 uur en 08.00 uur dan bedraagt de vergoeding 2 ½ maal het onder het derde lid genoemde bedrag.
Indien de voltrekking plaats vindt op een zondag, een algemene feestdag of daarmee gelijk gestelde dag, dan bedraagt de vergoeding 4 maal het onder het derde lid genoemde bedrag.
Indien de voltrekking volledig in een vreemde taal plaatsvindt, wordt de vergoeding verhoogd met het bedrag dat hiertoe is opgenomen in de Verordening leges van de gemeente.
De bode ontvangt doordeweeks buiten openingstijden een salaris van € 51,67 per voltrokken huwelijk of geregistreerd partnerschap.
Indien de voltrekking plaats vindt tussen 00.00 uur en 08.00 uur dan bedraagt de vergoeding voor de bode 2 ½ maal het onder het negende lid genoemde bedrag.
Indien de voltrekking plaats vindt op een zaterdag, dan ontvangt de bode voor het eerste huwelijk € 95,21 en voor de volgende huwelijken die dag per huwelijk € 63,87.
Indien de voltrekking plaats vindt op een zondag, een algemene feestdag of daarmee gelijk gestelde dag, dan bedraagt de vergoeding voor de bode 4 maal het onder het negende lid genoemde bedrag.
De onder lid 3, 9 en 11 genoemde bedragen worden jaarlijks geïndexeerd aan de hand van de loonontwikkelingen van het gemeentepersoneel.