Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5.

Artikel 5.2

Ruimte: windturbines zijn inzet van zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik

Onderdeel van Beleidsregel van de gemeenteraad van de gemeente Venray houdende regels omtrent Kader voor Opwekking Duurzame Energie (KODE)

Kaart 2 geeft een aantal uitsluitingsgebieden op voorhand aan. Dan gaat het om goud-, zilver- of bronsgroene gebieden, afstand houden tot snelwegen, railwegen en leidingen. Verder is het Maasdal uitgesloten. Erg bepalend is de zonering vanuit de militaire vliegbases Volkel-Vredepeel-Eindhoven. Een groot deel van de gemeente sluit windenergie uit vanwege mogelijke radarverstoring. Voor de goede orde, we hebben het hier over windturbines met een tiphoogte vanaf 25 meter. De buffer tot de woning bedraagt minimaal 300 meter en loopt verder op, naar gelang de hoogte van de windturbine. Hiervoor wordt een tabel opgesteld als onderdeel van uitgangspunt 3 ‘gemeente neemt regie’ en start een verkenning. Deze kaart maakt duidelijk dat er eigenlijk alleen opties (de witte vlekken) voor windturbines zijn aan de oostzijde van de gemeente en ook nog eens beperkt in aantal en omvang. Kaart 2: cumulatie van uitsluitingsgebieden en –zones Waarom is windenergie op land nodig, kunnen we niet alles op zee doen? Nederland heeft de doelstelling om de CO2-uitstoot in 2030 met ten minste 49% terug te dringen. Door het kabinet en in het kader van het Klimaatakkoord is gekozen vooral in te zetten op ‘wind op zee’. Maar de zee is ook nodig voor andere functies (visserij, scheepsroutes, natuur en mijnbouw-activiteiten), waardoor ook hernieuwbare opwekking op land nodig is, om deze doelstelling te bereiken. Windenergie op land is op dit moment volgens het Planbureau van de Leefomgeving een van de goedkoopste en meest efficiënte bronnen van duurzame elektriciteit en daarmee onmisbaar in de energietransitie. Zoals voorgaande kaarten laten zien, gelden er voor windinitiatieven de nodige ruimtelijke beperkingen en aandachtspunten. Een eerste grove toepassing ervan leidt ertoe dat er slechts enkele gebieden in aanmerking komen voor een eventueel windproject. Uitgangspunt 2: Voor windpark geldt als enig zoekgebied oostelijk deel van de gemeente We onderkennen dat het situeren van een windpark een grote uitdaging is, waarbij we (soms) letterlijk tegen gemeentegrenzen aan gaan lopen. Minder windturbines, betekent meer zonprojecten en wederom naar verwachting een extra aanslag op cultuurgronden. Windenergie is in het kader van zuinig ruimtegebruik een goede oplossing. Dit kan zelfs een aanknopingspunt zijn om in dialoog met grondeigenaren of pachters te kijken naar kansen voor synergie in energieopwekking (ook of juist door wind) en landbouwkundig gebruik. Het ligt voor de hand om met de belangen van toeristische en recreatieve bedrijvigheid en functies rekening te houden. Zo willen we nagaan of we bij plaatsing van windturbines, recreatiewoningen gelijk kunnen schakelen aan woningen in de Wet Geluidhinder, zodat hiervoor dezelfde geluidsnormen gaan gelden. Niettemin is de kans bij voorbaat klein dat het geen impact sorteert. Logische aansluiting die veelal gezocht worden zijn lijnen langs spoor- of snelwegen, aansluiting bij bedrijventerrein, concentraties van intensieve veehouderij of glastuinbouw. Uitgangspunt 3: Gemeente neemt regie Anders dan bij zonneprojecten, waar we als gemeente commerciële of coöperatieve initiatiefnemers nadrukkelijk uitnodigen, nemen we bij windenergie de regie in beginsel in eigen hand. Dit betekent dat we als gemeente, na vaststelling van KODE Venray, een start zullen maken met de nadere zoektocht naar mogelijkheden voor windenergie. Als gemeente kunnen we wel besluiten om daarin gezamenlijk met een externe partij op te gaan trekken. Uitgangspunt 4: Initiatiefnemer levert bewijs dat opgewekte stroom kan worden geleverd, kan worden opgeslagen of worden omgezet in een energiedrager Eerder is het actuele knelpunt rond aansluitcapaciteit al aangesneden. Een robuuste hoeveelheid windenergie naast zonne-energie kent rond de aansluiting vele voordelen. De technieken zijn complementair aan elkaar. In RES-verband blijven we deze uitdaging agenderen. Tegelijkertijd verkennen we alternatieven, zoals gemeentegrensoverschrijdende samenwerking, inzet van elektrolyse op termijn, omzetting in warmte, etc. Uitgangspunt 5: Windenergie doelen zijn niet in beton gegoten We stellen in beginsel geen doelgrootte aan het aantal windturbines of het geïnstalleerd vermogen. Het ligt voor de hand om uit te gaan van minimaal 3 turbines in een rij of 4 of meer turbines in een matrixopstelling. Mocht uit de ruimtelijke beperkingen al blijken dat een haalbaar project niet lijkt te lukken, kunnen we besluiten techniekneutraal te compenseren, meer zonneprojecten bijvoorbeeld. Uitgangspunt 6: Kleine windturbines in buitengebied tellen ook mee Kleine windmolens in het buitengebied – niet hoger dan ca. 25 meter – worden niet uitgesloten als deze landschappelijk inpasbaar zijn, een meerwaarde voor een gebouw of erf zijn en een bijdrage leveren aan een educatieve- of duurzaamheidsdoelstelling. Hierbij dient door de Commissie ARK getoetst te worden. Plaatsing ervan kan om een planologische procedure vragen. Kleine turbines zijn uitgesloten in dezelfde uitsluitingsgebieden die ook gelden voor zonneweides: NatuurNetwerk Nederland, de esgrond, etc. Als inpassingscriteria gaan we uit van het volgende: Molens voldoen aan de wettelijke milieunormering voor geluid, slagschaduw, e.d.; Molens zijn verbonden aan erven of bedrijfsgebouwen; De afstand tot de woning, of bebouwing als er geen woning aanwezig is, op het perceel mag niet meer zijn dan 100m; Er wordt rekening gehouden met zichtlijnen in het landschap vanaf huizen, wegen en paden, monumentale gebouwen; Er moet worden gestreefd naar een rustig en ordelijk beeld in het landschap, passend bij het karakter ervan. Voor kleine windmolens geldt ook dat initiatiefnemer omwonenden en betrokkenen binnen een straal van ca. 400m betrekt in het kader van de procesparticipatie. Er gelden geen richtlijnen voor financiële participatie. Uiteraard behoort het wel tot de mogelijkheden.

Rechtspraak bij dit artikel