Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3.

Artikel 10.

Criteria individuele begeleiding basis en speciaal

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning 2020

Een cliënt kan in aanmerking komen voor individuele begeleiding basis als: de cliënt ondersteuning nodig heeft bij of met het oefenen met vaardigheden en handelingen, of de cliënt ondersteuning nodig heeft inzake het aanbrengen van (dag)structuur of het voeren van regie in het dagelijks leven, of de cliënt ondersteuning nodig heeft bij het aansturen van zijn of haar gedrag, of toezicht op de cliënt nodig is. Een cliënt kan in aanmerking komen voor individuele begeleiding speciaal als: de cliënt voldoet aan de criteria zoals beschreven in artikel 10, lid 1, sub a tot en met d, en bij cliënt sprake is van een complexe ondersteuningsvraag, blijkend uit de noodzaak tot inzet van individuele begeleiding, of er bij het functioneren van de cliënt sprake is van risico voor hemzelf of diens omgeving, of toezicht op de cliënt nodig is, of er sprake is van niet-aangeboren hersenletsel, meervoudige problematiek, gedragsproblematiek zoals agressie of zware psychiatrische problematiek waarbij specialistische begeleiding nodig is.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel