1.1. Berekening van de afstand per fiets
Basis: artikel 10 en 17 van de Verordening
Nadere regel
De afstand van vervoer per fiets wordt bij toetsing van de aanvraag gemeten via ANWB Routeplanner. Mocht het adres nog niet bekend zijn of het college constateert dat de aangegeven route feitelijk onjuist is, dan is het college gerechtigd een andere methode te gebruiken.
Bij de berekening van de afstand van huis naar school wordt de kortst begaanbare route per fiets aangehouden. Als de afstand tussen de woning en school zes kilometer of korter is, wordt geen vergoeding verstrekt en een uitdraai met de beschikking meegestuurd ter onderbouwing van de weigering.
Om het gebruik van de fiets te stimuleren is het -onder voorwaarden- mogelijk om in aanmerking te komen voor een bijdrage van maximaal € 500,00 in de aanschaf van een elektrische fiets. Ook wordt -indien van toepassing- het drempelbedrag over de 1e zes kilometer niet ingehouden op de fietsvergoeding.
Voorwaarden bijdrage elektrische fiets:
De leerling moet recht hebben op een voorziening leerlingenvervoer;
De vergoeding is een vergoeding voor minimaal 4 jaar. Bij een minder aantal jaren zal een verrekening naar rato plaatsvinden;
De gemeente is niet aansprakelijk voor het gebruik van de fiets;
De onderhouds- en verzekeringskosten zijn voor rekening van de ouders/verzorgers en
Er dient een aankoopbewijs te worden aangeleverd voordat er wordt uitbetaald.
1.2. Vaststellen afstanden ten behoeve van fietsvergoeding
Basis: artikel 10 en 17 van de Verordening
Nadere regel
Voor kinderen die regulier basisonderwijs of speciaal basisonderwijs bezoeken geldt er een maximale afstand woning-school waarvan in principe wordt geacht dat zij deze afstand kunnen fietsen. Deze is als volgt:
Leeftijd kind
Maximaal te fietsen afstand
11 jaar of ouder
11 km
10 jaar
9 km
9 jaar
7 km
Voor leerlingen in het voortgezet onderwijs geldt per leeftijdscategorie een maximale afstand van woning naar school die zij kunnen fietsen:
Voor leerlingen in het 1e jaar (v.a. 12 jaar)
13 km
Voor leerlingen in het 2e jaar
15 km
Voor leerlingen in het 3e jaar
17 km
Peildatum is 1 augustus van het schooljaar waarop de voorziening betrekking heeft.
Mix van vergoedingen
In principe is het niet mogelijk om de ene keer te fietsen en de andere keer met de bus te reizen en dan per dag of per week bijvoorbeeld een vergoeding te krijgen voor fietsen en/of openbaar vervoer dan wel eigen vervoer. In voorkomende gevallen (bijvoorbeeld om als voorbereiding op de middelbare school alvast een deel van het jaar op te fiets gaan) kunnen afspraken gemaakt worden om bijvoorbeeld de laatste drie maanden van het schooljaar te gaan fietsen. De vergoedingen zullen dan naar rato worden uitgekeerd en volgens de regels die daarvoor gelden.
1.3. Berekening van de afstand per auto
Basis: artikel 13 en 19 van de Verordening
Nadere regel
Het college kan ouders toestemming verlenen om hun kind zelf met de auto naar school te brengen. Als aanspraak bestaat op bekostiging van de kosten van aangepast vervoer, krijgen ouders een bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de auto. De afstand wordt gemeten via de nieuwste ANWB Routeplanner. Mocht het adres nog niet bekend zijn of het college constateert dat de aangegeven route feitelijk onjuist is, dan is het college gerechtigd een andere methode te gebruiken.
Bij de berekening van de afstand van huis naar school wordt de kortst begaanbare route per auto aangehouden. Als de afstand tussen de woning en school zes kilometer of korter is, wordt bij een negatieve beschikking op de aanvraag, een uitdraai meegestuurd ter onderbouwing van de weigering.
1.4. Vaststellen van de reistijd
Basis: artikel 12 en 18 van de Verordening
Nadere regel
Het vaststellen van de reistijd per openbaar vervoer vindt plaats op basis van de
Reisinformatiegroep BV via 0900-9292 of www.9292.nl of de mobiele app op moment van toetsing. De bepaling van de looptijd in de reisplanner van OV9292 gaat uit van een gemiddeld persoon. De ervaring leert dat kinderen jonger dan 9 jaar langzamer lopen dan een gemiddeld persoon. Het college houdt hier in het bepalen van de looptijd rekening mee door de, door de reisplanner opgegeven, totale looptijd voor kinderen jonger dan 9 jaar te verruimen met 20%.