Naar hoofdinhoud
1.. De inkomstenvrijlating als bedoeld in artikel 6.1 en artikel 6.2 wordt één maal per uitkeringsperiode toegekend. 2.. Als dezelfde uitkeringsperiode wordt aangemerkt: de periode waarin een uitkering aaneengesloten of na een onderbreking die korter is dan 30 dagen wordt voortgezet; de situatie waarin sprake is van voortzetting van een uitkering die in een andere gemeente al werd verstrekt; de situatie waarin na wijziging van bijvoorbeeld woon- of gezinssituatie de uitkering met een andere norm wordt voortgezet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel