**1..** Het college biedt de raad ten minste eens in de vier jaar een (bijgestelde) Nota* Voor het opstellen van beleidskaders wordt gebruik gemaakt van de Richtlijn voor beleidskaders (De evalueerbaarheid van beleid vergroten). In deze richtlijn wordt aangegeven dat documenten die betrekking hebben op de kaderstellende rol van de raad op beleidsniveau benoemd worden als beleidskader in plaats van (beleids)nota. Het huidige beleidskader is opgesteld voor de invoering van de Richtlijn voor beleidskaders en heeft daarom nog de tenaamstelling van nota. verbonden partijen aan. Het beleidskader biedt de gemeenteraad de mogelijkheid een kader voor het gemeentelijk deelnemingenbeleid uiteen te zetten dat gehanteerd moet worden bij het aangaan van bindingen met ‘Verbonden partijen”. Het beleidskader wordt opgesteld in overeenstemming met de relevante bepalingen in het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten. De raad stelt het beleidskader (en eventuele wijzigingen) vast. Het beleidskader behandelt, naast de bepalingen uit het BBV, de volgende onderwerpen:
**a..** de beleidskaders voor de wijze waarop wordt omgegaan met oprichting beheer, verkoop en liquidatie van de verbonden partijen van de gemeente;
**b..** het openbaar belang, het eigen vermogen, de solvabiliteit, het financieel resultaat en het financieel belang en zeggenschap van de gemeente;
**c..** de taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de verbonden partijen
Hoofdstuk 4:
Artikel 21.