Aan de beslissingen en handelingen als bedoeld in artikel 3 worden vooraf ter nadere besluitvorming aan de burgemeester voorgelegd indien:
a. het voornemen bestaat tot aanvulling of afwijking van het tot dan toe gevoerde beleid;
b. er, behoudens zaken met een routinematig karakter, rekening moet worden gehouden dat de burgemeester op zijn 1 haar verantwoordelijkheid voor het te nemen besluit zal worden aangesproken;
c. uit het te nemen besluit financiële gevolgen kunnen voortvloeien die leiden tot overschrijding van de budgettaire kaders: in dit geval is besluitvorming door het college noodzakelijk;
d. de burgemeester zulks kenbaar heeft gemaakt.