Naar hoofdinhoud

Artikel 3.

Algemene criteria voor toekenning of weigering gehandicaptenparkeerplaats

Onderdeel van Beleidsregels individuele gehandicaptenparkeerplaatsen gemeente Waddinxveen 2014

1.. Het college wijst een aanvraag om toekenning van een gehandicaptenparkeerplaats af indien: de aanvrager beschikt of kan beschikken over parkeergelegenheid op eigen terrein (bijvoorbeeld garage, erf, eigen oprit met een minimale diepte van 5.50 meter); en/of de aanvrager woont in een verzorgingshuis / woon-zorgcomplex of zorgwoning, met daarbij behorende (particuliere dan wel openbare) parkeervoorzieningen. Bij de onder b. bedoelde woonvoorzieningen wordt geopteerd voor algemene gehandicaptenparkeerplaatsen. 2.. Een gehandicaptenparkeerplaats wordt in beginsel ingericht op een openbare parkeerplaats die voor de aanvrager geschikt, d.w.z. optimaal te gebruiken is, en zo dicht mogelijk bij de woning van de aanvrager ligt. 3.. Alvorens te besluiten tot toekenning of weigering van (de aanleg van) een gehandicaptenparkeerplaats laat het college: een onderzoek verrichten naar de (sociaal-)medische beperkingen van de aanvrager; een verkeerskundig onderzoek verrichten. 4.. Onder een garage als bedoeld in lid 1 wordt tevens verstaan de garage(-box) die zich op enige afstand van de woning bevindt, mits deze garage(-box) op grond van de bevindingen naar aanleiding van het in lid 3 bedoelde onderzoek geschikt en verantwoord wordt geacht.

Rechtspraak bij dit artikel