Beëindiging voorziening of pgb
De gemeente kan een voorziening of beëindigen als:
de voorziening of pgb is niet langer passend of nodig is;
de inwoner zich niet houdt aan voorwaarden en verplichtingen die aan de voorziening of het pgb zijn verbonden;
de voorziening is verstrekt op grond van onjuiste of onvolledige gegevens van de inwoner;
de gemeente niet langer kan vaststellen of een voorziening kan worden voortgezet, omdat de inwoner onvoldoende meewerkt aan een onderzoek naar het recht op de voorziening;
de voorziening voor een ander doel wordt gebruikt dan bedoeld;
de inwoner niet binnen 6 maanden gebruik heeft gemaakt van de voorziening, tenzij hem dat niet te verwijten is.
De voorziening kan met terugwerkende kracht worden beëindigd (ingetrokken).
Terugvordering voorziening
De gemeente kan de voorziening of de waarde daarvan van de inwoner terugvorderen. Dat kan vanaf het moment waarop is voldaan aan één of meer van de intrekkingsgronden die genoemd worden in artikel 7.1.1 van deze verordening.
Opschorting pgb
Het college kan aan de Sociale Verzekeringsbank vragen om de betaling van het pgb geheel of gedeeltelijk beëindigen. Of de betaling te weigeren of op te schorten als niet aan de voorwaarden wordt voldaan die aan het pgb zijn verbonden.
Hoofdstuk 7
Artikel 7.1
Beëindiging voorziening of pgb?
Onderdeel van Verordening Wet maatschappelijke ondersteuning gemeente Emmen 2020