De voor ontvluchting bestemde doorgangen moeten een vrije doorgang hebben met een breedte van ten minste 0,60 meter en een hoogte van ten minste 2,1 meter hoog.
De voor ontvluchting bestemde doorgangen en de paden die daar naar toe leiden, moeten te allen tijde vrijgehouden zijn van losse voorwerpen en voorwerpen die de doorgangsbreedte verminderen.
Tafels, stoelen, meubelen en losse voorwerpen moeten zo worden geplaatst, dat er tussenpaden van tenminste 0,60 meter breed zijn, richting de vluchtwegen.
Houten vloeren/vloerdelen/podia moeten zodanig zijn aangebracht dat geen open naden tussen de vloerdelen ontstaan.
Indien tijdens de aanwezigheid van personen in de inrichting de uitgangen die bestemd zijn voor ontvluchting afgesloten zijn, dienen deze uitgangen:
te zijn voorzien van naar buiten draaiende deuren (in de richting van de vluchtweg); en
te zijn voorzien van een panieksluiting.
Hoofdstuk 10
Artikel 10.4
Vluchtwegen
Onderdeel van Algemene regels voor evenementen gemeente Woensdrecht