De voorzitter zendt ten minste 10 dagen voor een raadsvergadering de raadsleden een oproep en de voorlopige agenda met de daarbij behorende stukken.
In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden van een oproep een aanvullende agenda opstellen. Zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 48 uur voor aanvang van de raadsvergadering wordt deze met de daarbij behorende stukken aan de leden gezonden.
Het presidium stelt een voorlopige agenda van de raadsvergadering op. De agenda is onderverdeeld in bespreekstukken en hamerstukken.
Door het presidium wordt, in samenspraak met de voorzitter en de griffier, na behandeling in de raadscommissies bepaald welk agendapunt voor welk onderdeel van de raadsvergadering wordt geagendeerd.
Als omtrent de inhoud van stukken op grond van artikel 25, eerste of tweede lid, van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, blijven deze stukken in afwijking van het eerste lid onder berusting van de griffier en verleent deze de raadsleden op verzoek inzage.
De agenda wordt bij aanvang van een raadsvergadering door de raad vastgesteld.
Op voorstel van een lid van de raad of de voorzitter kan de raad bij de vaststelling van de agenda onderwerpen aan de agenda toevoegen of van de agenda afvoeren.
Op voorstel van een lid van de raad of van de voorzitter kan de raad de volgorde van behandeling van de agendapunten wijzigen.
Hoofdstuk IV. › Paragraaf I.
Artikel 13.
Oproep en voorlopige agenda
Onderdeel van Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad en raadscommissies van Bergeijk 2019