De zittingsperiode van een commissielid en -voorzitter eindigt in ieder geval met het einde van de zittingsperiode van de raad.
Een commissielid houdt op lid te zijn als niet meer voldaan wordt aan de in artikel 35, vierde lid, gestelde eisen.
De raad kan een commissielid ontslaan op voorstel van de fractie die het lid voor benoeming heeft voorgedragen.
Een commissielid kan te allen tijde ontslag nemen. Het lid doet daarvan schriftelijk mededeling aan de raad. Het ontslag gaat een maand na de schriftelijke mededeling in of zoveel eerder als de opvolger is benoemd.
Als door overlijden of ontslag een vacature ontstaat, beslist de raad zo spoedig mogelijk over de vervulling daarvan.
Als een fractie niet langer vertegenwoordigd is in de raad, vervalt het lidmaatschap van commissieleden die op voordracht van die fractie zijn benoemd van rechtswege.
Hoofdstuk V. › Paragraaf I.
Artikel 36.
Zittingsduur en vacatures
Onderdeel van Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad en raadscommissies van Bergeijk 2019