Raadsleden dienen verzoeken tot het houden van een interpellatie tenminste 48 uur voor aanvang van de vergadering schriftelijk in bij de voorzitter. Het verzoek bevat in ieder geval de te stellen vragen.
De voorzitter brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en de wethouders.
Als het verzoek voor aanvang van een raadsvergadering is ingediend of in naar het oordeel van de voorzitter spoedeisende gevallen, wordt over het verzoek tijdens de eerstvolgende raadsvergadering gestemd. In andere gevallen tijdens de daaropvolgende raadsvergadering.
Het college of de burgemeester geeft bij aanvang van de behandeling van het onderwerp antwoord op de door de interpellant gestelde vragen.
De interpellant voert niet vaker dan tweemaal het woord. De overige raadsleden, de burgemeester en de wethouders niet vaker dan eenmaal, tenzij de raad hen hiertoe verlof geeft.
Hoofdstuk V.
Artikel 58.
Interpellatie
Onderdeel van Reglement van orde voor vergaderingen en andere werkzaamheden van de raad en raadscommissies van Bergeijk 2019