Naar hoofdinhoud
De bijdragen op het gebied van de doelstelling “voorkomen van gokverslaving” (artikel 4 sub k van de Verordening) dienen een weergave te bevatten waaruit blijkt dat: de aanvrager maatregelen en voorzieningen treft gericht op het voorkomen van verslaving aan de door hem georganiseerde spelen; de aanvrager een beleid heeft ter voorkoming van kansspelverslaving; een verslavingspreventie- en bestrijdingsplan is vastgesteld met daarin opgenomen: het opleidingsbeleid alsmede het opleidingsinstituut dat de trainingen verzorgt; het voorkomen van deelname aan kansspelen door minderjarigen; het voorkomen van deelname aan kansspelen door andere kwetsbare groepen; het verstrekken van algemene informatie over kansspelverslaving die op/vanuit de speelautomatenhal beschikbaar wordt gesteld aan spelers; de gegevens van de verslavingszorginstellingen waarmee de speelautomatenhal samenwerkt, de samenwerkingsovereenkomst en afspraken omtrent jaarlijkse evaluatie van de samenwerking; de indicatoren die de speelautomatenhal hanteert om (dreiging van) onmatige deelname te voorkomen; het voorkomen van (dreiging van) onmatige deelname en de registratie daarvan; dat medewerkers spelers moeten voorstellen en aansporen om zich te laten behandelen voor kansspelverslaving en/of (tijdelijk) uit te sluiten van deelname aan kansspelen ingeval van signalen van dreigende of ingetreden kansspelverslaving; het volledige beleid en werkproces omtrent uitsluiting dat is vastgelegd in concrete maatregelen en procedures (implementatie van het beleid in de bedrijfsvoering). de aanvrager geen wervings- en reclameactiviteiten ontplooit die gericht zijn op personen onder de 24 jaar of andere kwetsbare groepen; de aanvrager voldoet aan artikel 4 van de Regeling Werving, Reclame en Verslavingspreventie Kansspelen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel