Naar hoofdinhoud
Artikel 4.3 van de verordening De verordening bepaalt hoe de hoogte van het pgb van een voorziening voor jeugdhulp wordt vastgesteld. Daarbij gelden gedifferentieerde tarieven voor: jeugdhulpverleners die in dienst zijn van een professionele organisatie en die als ZZP-er werkzaam zijn, personen uit het sociaal netwerk, personen die niet onder een van de genoemde categorieën vallen. Begripsbepalingen In de verordening zijn begripsbepalingen opgenomen van een professionele organisatie en een ZZP-er. Dat is van belang omdat de hoogte van het pgb daar op wordt gebaseerd. In principe moet zijn voldaan aan de begripsbepaling om in aanmerking te komen voor het van toepassing zijnde tarief. Opgemerkt wordt dat een persoon uit het sociaal netwerk ook bij een professionele organisatie of als ZZP-er werkzaam kan zijn. Sociaal netwerk Zoals gezegd moeten personen uit het sociaal netwerk voldoen aan voorwaarden die gelden als de jeugdige en/zo zijn ouder(s) het pgb wenst te besteden aan een persoon van het sociaal netwerk (art. 4.2, vijfde lid, van de verordening). Ouders vallen ook onder het sociaal netwerk. Voor personen uit het sociaal netwerk geldt volgens de verordening ook dat altijd een lager tarief van toepassing is dan geldt voor jeugdhulpverleners in dienst bij een professionele organisatie of een ZZP-er. Gemeenten hebben deze bevoegdheid op grond van artikel 8.1.1, derde lid, van de wet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel