Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 5.

Procedure

Onderdeel van Reglement regionale arbeidsgeschillencommissie Servicepunt71

1. De werknemer start een procedure voor de commissie met de toezending van een verzoekschrift aan het secretariaat. Het verzoekschrift vermeldt in ieder geval: a. de naam en het adres van de werknemer; b. de beslissing – of het achterwege blijven daarvan – die ten grondslag ligt aan het geschil; c. een heldere omschrijving van de feiten die tot het geschil hebben geleid en melding van de pogingen die zijn ondernomen om het geschil intern op te lossen; d. een duidelijke conclusie en/of verzoek. 2. Als het verzoekschrift niet aan deze vereisten voldoet, geeft de commissie de werknemer de gelegenheid om het verzoekschrift aan te vullen. Als niet aan het verzoek tot aanvulling wordt voldaan, kan de commissie beslissen om het verzoekschrift buiten behandeling te laten. 3. De procedure wordt gevoerd in de Nederlandse taal. 4. De werknemer kan zich tijdens de gehele procedure laten bijstaan door een vertrouwenspersoon, zoals een vakbondsadviseur, collega, advocaat of werknemer van een rechtshulpverzekeraar. De kosten voor die bijstand zijn voor rekening van de werknemer. 5. Het secretariaat bevestigt de ontvangst van het verzoekschrift en zendt een kopie van het verzoekschrift aan de commissie en de werkgever. 6. Als het geschil de individuele toepassing van een functiewaarderingssysteem betreft, stuurt het secretariaat aan de werkgever of afdeling die voor de waardering van de functie verantwoordelijk is een kopie van het verzoekschrift, met het verzoek om een schriftelijk deskundigenadvies uit te brengen. 7. De werkgever stuurt binnen vier weken na toezending van het verzoekschrift door het secretariaat, of het deskundigenadvies als het geschil over functiewaardering gaat, een verweerschrift aan het secretariaat. Het secretariaat zendt een kopie van het verweerschrift aan de commissie en de werknemer. De voorzitter kan de werknemer daarna vragen om een schriftelijke reactie, waarna ook de werkgever weer schriftelijk mag reageren, steeds met een termijn van maximaal twee weken. 8. Het secretariaat zendt kopieën van de door een van beide partijen ingediende reacties aan de commissieleden en aan de andere partij. 9. Binnen vier weken na de schriftelijke voorbereiding stelt de voorzitter plaats en tijdstip vast voor de mondelinge behandeling. 10. De procedure schort de werking van de beslissing die aan het geschil ten grondslag ligt niet op, maar de commissie kan de werkgever verzoeken om een tijdelijke maatregel te treffen. 11. Tijdens de mondelinge behandeling worden de werknemer en zijn werkgever in de gelegenheid gesteld hun standpunten uiteen te zetten. De commissie kan tijdens de mondelinge behandeling ook anderen horen, als zij dat nodig oordeelt. Ook de werkgever en de werknemer kunnen getuigen of deskundigen voordragen om tijdens de mondelinge behandeling door de commissie te worden gehoord. Een verzoek daartoe moet uiterlijk twee weken voor de mondelinge behandeling bij het secretariaat worden ingediend. De commissie neemt hierover een besluit. Het secretariaat informeert de werkgever en de werknemer als getuigen of deskundigen worden gehoord tijdens de mondelinge behandeling. 12. De commissie kan een gecombineerde behandeling van meerdere geschillen aan de werknemer voorleggen. 13. De mondelinge behandeling is niet openbaar, tenzij de commissie anders bepaalt en de werknemer en de werkgever daartegen geen bezwaar kenbaar hebben gemaakt. 14. Tijdens de mondelinge behandeling zal de commissie proberen een minnelijke schikking tussen de werkgever en de werknemer te bereiken. De commissie kan daartoe de behandeling aanhouden en partijen een termijn voor beraad geven. 15. Als de behandeling niet tot overeenstemming tussen de werkgever en de werknemer leidt, doet de commissie binnen zes weken na de mondelinge behandeling uitspraak in de vorm van een schriftelijk, zwaarwegend advies aan de werkgever en de werknemer.

Rechtspraak bij dit artikel