**1..** Burgemeester en wethouders houden een register bij van standplaatszoekenden. Het register vermeldt de standplaatszoekenden in volgorde van inschrijvingsdatum.
**2..** Voor inschrijving in het register worden in ieder geval de volgende bescheiden overlegd:
een uittreksel uit de basisregistratie personen van de woonplaats van aanvrager;
een geldig identiteitsbewijs;
een geldig verblijfsdocument indien aanvrager niet de Nederlandse nationaliteit bezit;
bewijzen van inkomsten waaruit het huidige inkomen van het huishouden blijkt;
indien de aanvrager behoort tot de groep personen genoemd in artikel 18 van de voormalige Woonwagenwet een bewonersverklaring waaruit dit blijkt;
of de standplaatszoekende een bedrijf of beroep uitoefent dat verband houdt met de exploitatie van het circus- of kermisbedrijf; en,
of minimaal 70 procent van zijn/haar gemiddeld jaarinkomen over de afgelopen drie kalenderjaren binnen het bedrijf of beroep als bedoeld in onderdeel f heeft vergaard.
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd om nadere gegevens te vragen die nodig zijn om de inschrijving te beoordelen.
**3..** De inschrijving in het register is geldig voor één jaar. Burgemeester en wethouders kunnen de termijn van de inschrijving verlengen.
**4..** Burgemeester en wethouders verstrekken aan de standplaatszoekende een bewijs van inschrijving, waarop in ieder geval de volgende gegevens zijn vermeld:
inschrijvingsnummer;
datum van inschrijving;
naam en adres van aanvrager.
**5..** Burgemeester en wethouders halen een inschrijving door in het register indien:
de standplaatszoekende niet meer aan de vereisten voor inschrijving voldoet;
de standplaatszoekende daarom verzoekt;
de standplaatszoekende is overleden;
de geldigheidstermijn van de inschrijving is verstreken;
de standplaatszoekende een standplaats of woonruimte in Nederland krijgt toegewezen en deze accepteert;
de standplaatszoekende een standplaats achterlaat bij toewijzen en acceptatie van een woning;
de standplaatszoekende gegevens heeft verstrekt bij de inschrijving waarvan deze wist of redelijkerwijs kan vermoeden dat zij onjuist of onvolledig waren;
de standplaatszoekende niet binnen tien dagen zijn inschrijving heeft gecontinueerd door inzending van een door burgemeester en wethouders te verstrekken enquêteformulier.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 7
Artikel 2.7.3
Inschrijving register standplaatszoekenden
Onderdeel van Huisvestingsverordening Amsterdam 2020