Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 11

Artikel 2.11.5

Intrekken vergunning

Onderdeel van Huisvestingsverordening Amsterdam 2020

Burgemeester en wethouders kunnen een huisvestingsvergunning intrekken, indien: de vergunninghouder schriftelijk te kennen heeft gegeven van de vergunning geen gebruik meer te willen maken; de vergunninghouder de in de vergunning vermelde standplaats niet binnen de genoemde termijn in gebruik heeft genomen; de vergunning is verleend op grond van door de vergunninghouder verstrekte gegevens waarvan deze wist of redelijkerwijs kan vermoeden dat zij onjuist of onvolledig waren.

Rechtspraak bij dit artikel