Naar hoofdinhoud
1.. In de gemeente Amsterdam worden als woonruimten als bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de Huisvestingswet aangewezen, alle zelfstandige woonruimten: met een rekenhuur tot de liberalisatiegrens; waarvoor een huurwaarde geldt tot de liberalisatiegrens; of waarvoor, op grond van erfpachtvoorwaarden, private overeenkomsten of een bestemmingsplan, voor een periode van ten minste 25 jaar een huurwaarde vanaf de liberalisatiegrens geldt. 2.. Bij de toepassing van eerste lid, onderdelen a en b, gaat het om de huur die is overeengekomen met de hoofdhuurder. 3.. In afwijking van het eerste lid is het bepaalde in deze afdeling niet van toepassing op: onzelfstandige woonruimten en woonruimten gebruikt voor inwoning; De solids genoemd in bijlage 1 behorende bij deze verordening; Woonruimten als bedoeld in artikel 15, eerste lid, onderdelen a tot en met c, van de Leegstandwet; en, Door burgemeester en wethouders erkende studentenwoningen als bedoeld in artikel 1.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel